Alle berichten van Gast Columnist

Over Gast Columnist

Regelmatig vragen we gastauteurs om een collumn te schrijven. Wilt u ook deel uit maken van dit illustere gezelschap, mail ons dan met uw voorstel of artikel op info@haagsecolumnisten.nl.

Parkeermeter

 

Marcel Verreck

 

Leve de vooruitgang! Ik heb de tijd meegemaakt dat je in de Amsterdamse Pijp geen betaald parkeren had. Toch raakte ik er regelmatig mijn auto kwijt. Ook níet definitief. Maar de ‘parkeerdruk’ werd te hoog en het uitmelken begon. Nu moet je dokken tot in de weilanden bij Uithoorn.

Terug in Den Haag maakte ik hetzelfde mee. Mijn Bomenbuurt werd beparkeermeterd. Als een lucratieve olievlek breidde het incasseergebied zich uit. Vreemd genoeg (maar wel fijn) bleef het Statenkwartier hier buiten, omdat – zo beweerden boze en afgunstige tongen – daar nogal wat beleidsmakers wonen.

 

Het betaald parkeren, dat wordt ons als bewoners telkens weer verzekerd, dient juist ons belang. We moeten het jaarlijkse bedragje er maar voor over hebben. Verder lezen

Reünie

 

Marcel Verreck

 

Kijk ons daar nou lopen

Voor de allerlaatste keer

We doen de schooldeur open

En de geuren van weleer

Die ooit binnen zijn gekropen

Ruiken we nu weer

Straks gaan ze alles slopen

Ze halen alles neer

 

Paul Pleijsier en ik hebben een lied gemaakt dat ‘Reünie’ heet en we zijn op onze oude school om beelden te schieten voor het bijbehorende clipje. Paul is sinds zijn eindexamen nooit op het VCL terug geweest, ik woon dichterbij en ben beter op de hoogte van de stand van zaken.

Maar zoveel is er gek genoeg niet veranderd aan de Van Stolkweg. De bomen zijn een stuk hoger, er is nog maar één leraar van wie we les hebben gekregen en de ingang is verplaatst naar het schoolplein, waar Paul verrast wordt door een nieuwe uitbouw.

Binnenkort zal alles anders zijn, want inderdaad, de school wordt gesloopt, op de oude villa na. De nieuwste rector toont de tekeningen van het komende gebouw, het ziet er vertrouwd uit. De leerlingen wijken twee jaar uit naar het ontruimde Aloysiuscollege. Verder lezen

Museumkwartiertje

 

Marcel Verreck

 

Er is, behalve zand en veen, in Den Haag nog een gebied te onderscheiden. Het ligt ter hoogte van het Binnenhof en ik noem het altijd maar ‘het bagger’. Oftewel ‘het politieke drijfzand’, op wiens peilloze diepte je nu bij het Tournooiveld vanwege de aanleg van een parkeergarage een blik kan werpen. In deze omgeving bevindt zich ook het beoogde Museumkwartier, waarin men de vele aanwezige musea nog meer met elkaar wil verbinden.

Daar was natuurlijk onmiddellijk gedoe over, want zoals bekend kan er in onze stad geen steen verlegd of boom gekapt worden zonder dat betrokken activisten zich eraan vastketenen. Zo vind ik het nog steeds onbegrijpelijk dat de bloesemboompjes aan de kustzijde van de Laan van Meerdervoort het hele voorjaar lelijk onthoofd langs de straat hebben gestaan. De geplande herinrichting was nog lang niet begonnen, had ze nog één keer laten bloeien!

Maar goed, het Museumkwartier. De majestueuze rust van het Voorhout moet natuurlijk niet ontaarden in een permanente touristenscrum. Een nobel standpunt, want alles van waarde is weerloos en plannenmakers dienen constructief maar met gezond wantrouwen bejegend te worden. Het gaat hier dus om een delicaat proces van kleine stapjes, waarbij de balans tussen wat hartstikke goed is (en dat is veel in Den Haag, vandaar ook het assertieve conservatisme) en mogelijke verbeteringen voortdurend in de gaten moet worden gehouden.

Het is een mooie uitdaging: meer bezoekers voor dit prachtige stadsdeel zonder aantasting ervan. We zouden om te beginnen het Binnenhof als extra museum kunnen inrichten. Dat kunnen ze bij die renovatie gelijk meenemen.

Ik denk aan een tentoonstelling van verdwenen verschijnselen uit de democratie:  het scherpzinnige ideologische debat, het onelinerloze betoog, het niet-opportunistische kamerlid en natuurlijk de VVD’er zonder strafblad.

Bij het kanaliseren van de aanzwellende toeristenstromen ontkomen we, zoals overal, niet aan etnisch profileren. Voor de immer voortrazende Japanners met hun zwaaiende selfiesticks zou je een aparte snelle route kunnen creëren, voor de traditioneel lawaaiïge Amerikanen eentje met geluidsschermen.

Veel kan ook ondergronds, voor de hand ligt een nieuw verzetsmuseum, maar ook het transport van touristen vanaf hun touringcars bij het Malieveld. Dat wordt een extra ‘experience’, want met onze Haagse ervaring maken we daar een spectaculaire grotachtige wildwaterbaan van.

En wordt het onverhoopt toch te druk op het Voorhout, laten we John Medley zingen. Dan is iedereen zo weg.

 

(deze column verscheen eerder in het blad Den Haag Centraal)

 

 

Middagje bij IKEA

 

MIRA FETICU

 

Ik stond in het IKEA-restaurant in de rij om de gemakkelijke warme lunch te betalen. Mijn man merkte op dat een punt van mijn vest in het bordje met satésaus lag, waarop ik me omdraaide om te kijken. Prompt veegde ik met het vest een van de satéstokjes van het karretje: pats, op de grond!
Ik was duidelijk op iets anders geconcentreerd, merkte mijn man weer op.
Helemaal waar. Ik luisterde aandachtig naar het gesprek van de twee mensen voor mij, man en vrouw, met de caissière. Ze hadden hun portemonnee thuis laten liggen, constateerde de vrouw ter plekke. Of ze dus het dienblad met frietjes, salade en sateetjes bij de caissière konden laten staan? Ze konden het namelijk niet betalen.
Mijn maag knorde van de honger. Hun magen misschien ook, dacht ik. En daarom rende ik hen achterna, ik hoorde mijn man nog net zeggen dat ik bijna nog een sateetje van het bord veegde met mijn vest. ‘Mevrouw! Mevrouw!’
Ze draaide zich om. ‘Ik hoorde dat u uw portemonnee bent vergeten. Maar ik wil graag voor u betalen.’ En, omdat haar wenkbrauwen duidelijk moeite hadden met mijn voorstel, voegde ik er snel aan toe, ter geruststelling: ‘Het is immers maar een lunch!’ De man fronste nu ook zijn voorhoofd. Een fractie van een seconde speelde ik met de gedachte om hun te vragen of ze interesse hadden voor die reis naar Mars, een enkeltje, geen retour dus, in 2025. Ik denk dat mijn tweede voorstel (dat ik niet uitsprak) makkelijker te overwegen was geweest. Verder lezen

Weldadig bad

Marcel Verreck

 

Ooit mochten Paul Pleijsier en ik samen met het hilarische duo Waardenberg & De Jong de openingsvoorstelling verzorgen van Theater de Bommersheuf in Zevenaar.  Deze nieuwe schouwburg bleek een omgebouwd zwembad. Ze hadden wat tegeltjes laten zitten en op sommige plekken kon je zien hoe hoog het water in vroeger dagen had gestaan. De galmende akoestiek was vooralsnog behouden gebleven, maar dat zal in de loop der tijd wel verbeterd zijn. In Den Haag koesteren we voormalig zwembad ‘De Regentes’ in de Weimarstraat, na een tweede leven als gesubsidieerd theater nu moedig door het leven gaand als ‘De Nieuwe Regentes’. Met veel inzet en creativiteit van de uit buurtgenoten gerecruteerde medewerkers en wat subsidies af en toe, proberen ze daar – ik kan het niet anders zeggen – het hoofd boven water te houden. Ik woon vlakbij, kom er graag, als toeschouwer en soms als bespeler. Het is een bijzonder gebouw, inmiddels gebrandmerkt als theater, maar meer zwembad kan een theater niet zijn. Met badhokjes als kleedkamers en de betegelde welving van de ruimte die ‘het diepe’ heet, is dit gebouw trots op zijn geschiedenis. Verder lezen