Biden’s zware taak: In de voetsporen treden van Franklin Roosevelt

 

Lange tijd leek het er op dat de nieuwe Amerikaanse president Joe Biden bij zijn aantreden komende week als hoogste prioriteiten had het  herstel van de binnenlandse vrede door een president voor alle Amerikanen te willen zijn. Daarnaast zou hij  Amerika’s gehavende reputatie bij zijn bondgenoten in het Westen en in Azië moeten repareren. Maar de door Trump georkestreerde aanval op het Amerikaanse Congres heeft duidelijk gemaakt dat de democratie in de VS zelf nog steeds in acuut gevaar verkeert. De man die vier jaar lang wind had gezaaid door waar het maar kon alle regels van de Amerikaanse rechtsorde te negeren, heeft een storm geoogst die de Amerikaanse democratie tot nu toe maar ternauwernood heeft doorstaan. Nu zal het zaak zijn om Trump zelf uit te schakelen voor een nieuw openbaar ambt.  Beslissend voor de in gang gezette afzettingsprocedure is een meerderheid van twee derde in de Senaat. De Republikeinse senatoren die daarvoor moeten zorgen durfden voor het merendeel hun stem niet in het openbaar te keren tegen de man die de staatsorde zelf op het spel zette om aan de macht te kunnen blijven.

Het blijft schokkend dat  zelfs nadat de door Trump opgejutte indringers uit het Congres waren verwijderd acht Republikeinse senatoren en 138 Republikeinse leden van het Huis van Afgevaardigden de verkiezing van Jo Biden’s resultaat nog steeds niet wilden goedkeuren. Het kleine aantal Republikeinen dat daartoe wel bereid was, werd het mikpunt van de bestormers van het Capitool. Deze senatoren werden gezien als verraders van hun idool, Donald Trump. De rol van deze rechtse extremisten is bij lange na nog niet uitgespeeld.

Kenners van de Amerikaanse samenleving wijzen er op dat de radicale rechterflank van de Republikeinse Partij die het gezag van Amerika’s regering fundamenteel wantrouwt niet begonnen is bij het aantreden van Trump maar al dateert van minstens de jaren vijftig toen  communistenvreter Joseph McCarty onheil stichtte in Washington. Het is die alsmaar uitbreidende rechterflank die er voor zorgt dat de Grand Old Party (GOP) de afgelopen twintig jaar de meeste staten kon winnen,  ondanks verlies van de zogenaamde popular vote (het totaal aantal uitgebrachte stemmen op de partij). Zich van die flank ontdoen, zoals vaker is geprobeerd door progressieve Republikeinen in de afgelopen jaren, is steeds op een mislukking uitgelopen. De prikkel ontbreekt, want met die radicale rechterflank, zich enkele jaren geleden manifesterend in de Tea Party van  Sarah Palin,  konden de Republikeinen partij vaak steeds winnen. Nu blijkt hoe zij het functioneren van de GOP op een decente manier onmogelijk heeft gemaakt.

Niettemin is het  de vraag of  Trump, wanneer hij de komende weken niet wordt afgezet, bij nieuwe verkiezingen kan winnen. Amerikaanse presidenten die opnieuw wilden terugkomen, faalden vrijwel steeds. Er is slechts één voorbeeld van iemand die daarin wel slaagde: de Democraat Grover Cleveland in de eerste jaren van de twintigste eeuw. Trump zal te maken krijgen met een massa aanklachten van lokale en federale aanklagers, onder meer over zijn verzoek aan de gouverneur van de staat Georgia om zo’n elfduizend stemmen voor hem te vinden zodat de kiesmannen van de staat alsnog naar hem zouden toe gaan. Trump is bovendien zijn greep op zijn volgers kwijt nu hij voorlopig niet langer gebruik kan maken van sociale media als Twitter en Facebook. Maar het is zeker niet uitgesloten dat Republikeinen die op Trump’s lijn zitten zoals Marco Rubio van Texas een nieuwe kans maken, vooral wanneer Biden niet slaagt in het doorvoeren van grote hervormingen.

De taak waar Biden voor staat is enorm. Hoe kan hij de uitdijende anti-regering gezinde rechterflank van de Republikeinse Partij ontmantelen? Die heeft  ook economische redenen om wantrouwig tegenover het centrale gezag in Washington te staan. Hij zal daarom, zo wordt van vele kanten gezegd,  in de voetsporen van Franklin Delano Roosevelt moeten treden. Deze  bestreed effectief de grote crisis in de jaren dertig met onomkeerbare structurele hervormingen. Zo voerde hij een federaal sociaal minimumloon in. Zoiets zou nu ook moeten gebeuren, vinden velen. Een geïndexeerd minimumloon van 15 dollar per uur heeft Biden daarom al toegezegd. Behalve het opnieuw direct geven van geld aan de Amerikanen zoals het afgelopen jaar is gebeurd, zullen nieuwe belastingen voor de rijken noodzakelijk zijn. Nu hebben vier op de tien Amerikanen hooguit vierhonderd dollar in hun zak om onverwachte nooduitgaven te kunnen doen.

Sociale kloven tussen bevolkingsgroepen dateren niet van Trump’s tijd in het Witte Huis, maar geen president heeft er zoveel toe bijgedragen dat die tegenstellingen werden uitvergroot. Extremisten in de samenleving heeft hij een duwtje in de rug gegeven, de grote groepen arbeiders in de staten die geleden hebben onder de globalisering en hun hoop op Trump hadden gericht heeft hij niet vooruit geholpen, de rijken daarentegen heeft hij nog rijker gemaakt. Op het internationale vlak is Biden’s taak eveneens van een bijna adem benemende omvang. Trump  heeft dictators opgehemeld ten nadele van fatsoenlijke, democratische bestuurders, hij heeft de rol van internationale organisaties  – de Wereldgezondheidsdienst is het bekendste voorbeeld – teruggedraaid, de Parijse klimaatakkoorden verworpen. Het Westen zit zonder leiding sinds hij aan het stuur zat. Democratie, waarvan velen in de wereld zo’n hoge verwachting hadden, wordt, zo zegt de Amerikaans-Poolse publicist Anne Applebaum, nu eerder in verband gebracht met chaos. Er zullen vele  jaren mee gemoeid zijn om dit te herstellen.

 

 

 

Paul van Velthoven

Over Paul van Velthoven

Paul van Velthoven is freelance journalist en schrijft vooral over politieke en religieuze onderwerpen. Hij was chef van de opiniepagina van de Haagsche Courant en daarvoor onder meer redacteur geestelijk leven bij dagblad Het Binnenhof. Hij publiceerde een studie over de Franse denker Raymond Aron. Onlangs verscheen van hem ‘Franstaligen tegen Vlamingen – Hoe België als natie mislukte’.