|
Wordt 2012 beter? |
|
|
|
Dick Toet
|
|
woensdag 28 december 2011 |
Ook als je overtuigd republikein bent, kunnen de kersttoespraken van koningin Beatrix je niet onberoerd laten. Ze zijn verstandig, meelevend, sociaal, getuigen van een goed ontwikkeld rechtvaardigheidsgevoel en appelleren aan het weldenkende deel van de natie. Een (gelukkig) kortstondig gevoel van koningsgezindheid maakt zich vrijwel elke kerst van mij meester, maar ik bedenk me dan weer snel dat het systeem volkomen achterhaald is en in theorie ook een halve debiel in de stijl van de PVV kan opleveren. De reacties van PVV-leider Wilders op de ontboezemingen van de koningin slaan natuurlijk helemaal nergens op. Hoe kun je goed geformuleerde en gemeend klinkende pleidooien voor verdraagzaamheid, geweldloosheid en een goede zorg voor het milieu zo dom kleineren. Maar wat vooral verontrust is dat veel landgenoten daar kennelijk geen enkel probleem mee hebben. Word wakker! Natuurlijk spreekt de vorstin vanuit een zwaar beschermde omgeving en ook ik ventileer mijn mening vanuit een behoorlijk beschutte positie, maar dat maakt het nog niet verkeerd te pleiten voor verdraagzaamheid en het belang van een duurzamere samenleving. Afgelopen jaar is veel gefilosofeerd over de vraag wat er is geworden van de als traditioneel bestempelde tolerantie in ons land. Ik begin mij steeds meer af te vragen of die er ooit is geweest. In onze houding ten opzichte van het buitenland is er altijd de strijd geweest tussen de koopman en de dominee. Doorgaans won de koopman en werd de aanverwante handelslust al snel versleten voor tolerantie. Waarin ons land wel betrekkelijk uniek was en nog een beetje is, is de verzuiling en dan met name de religieuze verzuiling. Barmhartigheid speelde daarbij een belangrijke rol. Dat gewortelde mededogen werd na de oorlog allengs verdrongen door een ongekende welvaart, waarin meer ook altijd materieel meer moest zijn. Tolerantie werd in feite niets anders dan ongeïnteresseerdheid. Als het mij goed gaat, gaat het de natie goed. Nederland klaagde dat het een lieve lust was, maar individueel hadden we het prima, zo bleek uit tal van onderzoeken. En op de golven van individualisme (VVD) en populisme (PVV) kregen die valse onderbuikgevoelens een stem. Het afgelopen jaar is er één om snel te vergeten. Of 2012 veel beter wordt valt te betwijfelen. De huidige stand van zaken, een ondanks alle geklaag zeer consumptieve kerst en een ongetwijfeld weer door vele vuurwerkmiljoenen deels verziekte jaarwisseling beloven weinig goeds.
|
|
|
Een weinig vrolijke kerstgedachte |
|
|
|
Dick Toet
|
|
maandag 19 december 2011 |
Laten we hopen dat Kerstmis nog altijd mooie gevoelens wakker maakt bij mensen, maar ik ben daar niet meer zo zeker van. Bij mij leidt Kerstmis in ieder geval tot enige reflectie. Wat was 2011 voor een jaar? Rond Oud en Nieuw kunnen we dan weer eens vooruitkijken. Het afgelopen jaar wekt bij mij weinig vrolijke gevoelens op. En dat heeft niet alleen te maken met de Europese crisis. Een crisis, die gezien het nog altijd heftige consumptiepatroon meer een gevoel dan een realiteit blijkt te zijn. Nederland is nog steeds het op één na rijkste land in Europa en de werkloosheid is relatief gering. De grootste problemen doen zich voor rond de huizenmarkt, tot voor kort voor vele Nederlanders de ultieme bron van fraaie financiële toekomstmuziek. Dat de hypotheekrente-aftrek ineens volop in discussie is, werkt niet mee. Laat er snel duidelijkheid komen over het feit dat alleen forse hypotheken (pakweg boven 500.000 euro) aangepakt worden. Het door de PVV gedoogde kabinet heeft afgelopen jaar zelden inspirerende maatregelen getroffen. Imposante bezuinigingen hangen boven ons hoofd en vooral boven het toch al beproefde hoofd van de sociaal zwakkeren, maar concreet is er nog nauwelijks iets geworden. Wel wordt voor de druistigen onder ons de maxiumumsnelheid verhoogd naar 130 kilometer, een volkomen belachelijke maatregel onder het verbijsterende motto ‘de lucht is wat minder ongezond geworden, dus die kunnen we weer mooi een beetje verpesten’. De maatregel betekent een kleine half miljoen ton broeikasuitstoot meer. En er is tegen de zin van de politie zelf een dierenpolitie in het leven geroepen. Leuk voor de bühne, maar er is geen land in de wereld waar onrecht tegen dieren zo snel en hevig wordt gesignaleerd als in Nederland. En bijna altijd wordt er met zo’n klacht nog wat gedaan ook, vaak eerder dan tegen vermoedens van kindermishandeling bijvoorbeeld. En wat te denken van de dreiging van de PVV om pas met extra bezuinigingen akkoord te gaan als alle ontwikkelingssamenwerking is geschrapt. Kortzichtiger en dommer voorstel is sinds de jaren dertig in het Nederlandse parlement waarschijnlijk niet gedaan. Natuurlijk is ontwikkelingshulp, zoals het vroeger heette, niet zaligmakend, maar het is een instrument van beschaving om de ongelijkheid in de wereld een beetje te dempen en vooral vluchtelingenstromen enigszins in te perken. Weer ‘u‘ zegen tegen de meester (niks mis mee, maar laat het vooral uit vrije wil gebeuren) en ouders meer betrekken bij het onderwijs van hun kinderen (ook niks mis mee, maar dat gebeurt al op grote schaal) zijn ook van die typische cosmetische zaken, waar dit kabinet patent op heeft. En dan de wekenlang heftig ontkende kandidatuur van minister Donner voor het vice-voorzitterschap van de Raad van State. Natuurlijk drukte het CDA die benoeming door, want het CDA was weer eens aan de beurt voor een hoge functie. Donner, afkomstig uit een geslacht van rechtsgeleerden, is geen aangenaam mens en ook niet een man, die zich de afgelopen maanden heeft doen kennen als iemand die boven de partijen verheven is. Rinnooy Kan, voorzitter van de prestigieuze Sociaal-Economisch Raad, was een veel betere kandidaat geweest, maar ja, Rinnooy Kan is ‘slapend’ lid van D66 en die partij heeft het nu even niet voor het zeggen. En dan een recente kwestie buiten de politiek, al mag het kabinet zich best inspannen om de aanbevelingen in het rapport Deetman over misbruik in de Katholieke Kerk mee te helpen uitvoeren. Uitstekend rapport van oud-minister Deetman, want hoewel gemaakt in opdracht van de bisschoppen, kan het toch rekenen op steun van de slachtoffers. Maar het rapport laat ook een zeer pijnlijk punt open. Deetman zwakt zijn scherpe oordeel al af door te verklaren dat misbruik en mishandeling van kinderen ook buiten de RK Kerk voorkomen (behoorlijk open deur), maar vooral kwalijk is zijn conclusie dat het celibaat geen cruciale rol heeft gespeeld bij het plegen van ontuchtige handelingern met kinderen. Daarmee spaart Deetman niet alleen de kool en de geit, maar ook de kerk. Dat haalt een goed opgezet onderzoek volledig onderuit. Pijnlijk. |
|
|
Cruijff versus Van Gaal, tips voor bij de koffie-automaat |
|
|
|
Dick Toet
|
|
maandag 21 november 2011 |
Onderzoeken hebben in het verleden aangetoond dat ongeveer de helft van alle Nederlanders geïnteresseerd is in sport. Daarbij zijn allerlei gradaties mogelijk. Ongeveer twintig procent van onze landgenoten heeft zo’n heftige belangstelling voor sport dat ze meerdere sporten redelijk op de voet volgt en zich aan minimaal één sport volledig heeft verslingerd. Dezer dagen zal het percentage vaderlanders dat zich geconfronteerd voelt met een voetbalaffaire rond Ajax de honderd procent behoorlijk dicht naderen. Het percentage dat deze affaire nog op enige manier kan duiden, zal ook wel redelijk dicht bij een volledige dekking liggen. Het lijkt in ieder geval zeer waarschijnlijk dat minimaal de helft van de bevolking zich verbijsterd afvraagt waar al dat gedoe nu helemaal om gaat. Die verbijstering is terecht. Alsof er geen eurocrisis bestaat Er niet nog veel meer ‘Mauro’s’ worden bedreigd met een beschamende uitwijzing, het kabinet niet in toenemende mate tobt met de nukken van een steeds wilder om zich heen slaande PVV, Nederland aan de ene kant te boek staat als hét land van melk en honing en tegelijk heftig aan prestige in de wereld verliest. En alsof we ons niet terecht ergeren aan het feit dat het witmaken van ‘zwarte Piet’ nog altijd onbespreekbaar is, lijkt het in de media, bij de koffie-automaat, op verjaardagspartijtjes en aan de borreltafel nergens anders meer over te gaan dan over de affaire Ajax-Cruijff-Van Gaal. Voor de leken onder u even een korte geschiedenis en een overzicht van de recente gebeurtenissen.
|
|
Lees meer...
|
|
|
Honkbaltitel is uniek |
|
|
|
Dick Toet
|
|
dinsdag 18 oktober 2011 |
Het spreekt bij veel Nederlanders nog niet echt tot de verbeelding, maar de wereldtitel honkbal van het Nederlands team is een volstrekt unieke prestatie. Voetballend, hand- of basketballend is het ons in ieder geval nog nooit gelukt. Volleyballend en met waterpoloënde dames hebben we wel Olympisch goud gehaald, maar nooit een wereldtitel. De beste van de wereld werden we in een ver verleden met wielrennen, veelvuldig met schaatsen en als teamsport feitelijk alleen met kleine sporten als hockey en vooral korfbal, maar helaas is het ‘mandjebal’ al tientallen jaren de kinderschoenen nog steeds niet ontgroeid. Bij de honkbaltitel past wel enige relativering. De Amerikaanse profs en hun soortgenoten uit het Verre Oosten en Midden-Amerika doen niet mee. De beste Cubaanse profs spelen in de Amerikaanse supercompetitie. Maar de vermaarde Amerikaanse basketballers hebben bij hun intrede op de Olympische Spelen ook aangetoond dat ze daar niet zomaar een gouden medaille konden ophalen. Honkbal, baseball dus, is een zeer Amerikaanse sport. Dat Nederland in Europa met Italië al vele jaren het beste honkbal speelt, komt vooral door de Antilliaanse spelers, die het spel in hun regio konden afkijken van voortreffelijke voorbeelden. Maar honkbal is toch in de eerste plaats Amerikaans. Dat heeft natuurlijk te maken met de logische mogelijkheden het spel te onderbreken voor reclame. Daarbij komt dat er in het hoogseizoen vrijwel dagelijks gespeeld wordt met soms sterk wisselende teams (vooral de pitching wisselt voortdurend), waardoor de verrassingsfactor in de uitslagen groot is. Maar er is meer. De Verenigde Staten kennen vier grote sporten, naast baseball zijn dat American football, basketbal en ijshockey. Maar honkbal is dé Amerikaanse sport bij uitstek. En dat komt door het volkse en democratische gehalte van de sport. Voor American Football is door de bank genomen het fysiek van een kleine stier nodig, voor basketball strekt een lengte van boven de twee meter tot aanbeveling en voor de ‘contactsport’ ijshockey moet je niet alleen fysiek sterk, maar vooral ook ‘mean’ zijn. Bij honkbal is het anders. Toen ik eind jaren zeventig, begin jaren tachtig van de vorige eeuw enige jaren in Amerika verbleef , was daar de grote ster in het baseball ene Pete Rose. Hij was klein, had een behoorlijk dikke pens en was al dik in de dertig. De 100 meter zou hem toch zeker een halve minuut kosten.Maar Rose sloeg in dienst van de Philadelphia Phillies zo ongeveer alle records aan gort en was zeker aan slag, maar ook in het veld van een uitzonderlijke klasse. Concentratievermogen, spelinzicht, geweldige oog-hand-coördinatie, innige liefde voor de sport, teamspirit, Rose was een grootheid, waar vrijwel iedereen zich mee kon identificeren. En dat maakt honkbal tot zo’n mooie sport, je kunt het leren, je kunt erin groeien. Belachelijk dat deze mooie tak van teamsport intussen van de Olympische Spelen is verbannen. |
|
|