|
Big Boras is Watching You! |
|
|
|
Han Kogels
|
|
dinsdag 01 november 2011 |
|
Vroeger kon je aan de grens gecontroleerd worden als je met je sleurhut achter je auto of de ski’s op je dak naar je vakantiebestemming of weer naar huis toerde. Paspoorten klaar houden en hopen dat je bagage niet moest worden uitgeladen. Niet dat de marechaussee en de douane altijd even fanatiek bezig waren, maar het kon. Sinds het Verdrag van Schengen in werking is, mag dat tussen de Schengenlanden niet meer. En overheden worden daar een beetje nerveus van, want er zijn een hoop lieden met wie je nog een appeltje te schillen hebt, of met wie je misschien nog een appeltje te schillen krijgt. Dus als de overheid wordt gehinderd door de wet, dan verzint de overheid een list. De nieuwste list van onze eigen overheid heet ‘@migo-boras’. Dat staat voor (hou je vast!): ‘Automatisch Mobiel Informatie Gestuurd Optreden – Better Operational Result and Advanced Security’. Ik hou het op Big Boras, want er is enige gelijkenis met Big Brother die in George Orwell’s roman ‘Nineteen Eighty-Four’ iedereen in de gaten hield via niet uitschakelbare beeldschermen met ingebouwde camera. De visionaire Orwell stierf een halve eeuw voordat de webcam werd uitgevonden.
Volgens de NRC (die zegt over documenten te beschikken) is Big Boras een ultramodern cameranetwerk dat vanaf 1 januari aanstaande staat opgesteld bij vijftien Nederlandse grensovergangen. Alle nummerplaten die voorbij razen worden gefotografeerd en ook nog eens de zijkant van de auto’s. Als ’t plaatje goed gelukt is, dan kan je zelfs zien wie erin zitten. Worden verdachten gesignaleerd, dan kan de politie er direct achteraan. Maar je kunt die stapel fotootjes ook in een digitale databank opslaan en later gebruiken. Waarvoor? Dat is nog niet bekend! Mag dat allemaal? Daar zijn de geleerden het nog niet over eens. Er wordt naarstig onderzocht of het Schengenverdrag dit wel toestaat. En het College Bescherming Persoonsgegevens vindt dat het twijfelachtige effect van zo’n maatregel de invoering ervan niet rechtvaardigt. De boeven bedenken intussen hoe ze de cameraatjes van Big Boras kunnen opblazen, of ze programmeren hun TomTommetjes dusdanig dat ze alleen nog maar gebruik maken van de meer dan zestig grensovergangen waar Big Boras NIET staat opgesteld. Dus het zou me niet verbazen als Big Boras straks ook staat te loeren rondom de grote steden en zo. Want de overheid gelooft heilig in haar toekomst als digitale overheid met uitpuilende digitale gegevensbestanden voor alles en nog wat.
En de brave naïeve burger? Die denkt slechts dat hij niets te vrezen heeft omdat hij niets heeft gedaan. Maar wie bewaakt straks Big Boras?
|
|
|
No Business like Green Business |
|
|
|
Han Kogels
|
|
zaterdag 01 oktober 2011 |
|
Deze week bracht groengoeroe Al Gore, bekend van de angstaanjagende klimaatthriller ‘an inconvenient truth‘, een bliksembezoek aan de Groningse Martini Plaza. Hij koos niet voor een groen treinkaartje Schiphol-Groningen, maar voor een glimmend zwarte Jaguar XJ met 5 liter V8-benzinemotor. Jammer van die gemiste kans om CO2 uitbrakende slurprijders een lesje te leren. Maar ook een groengoeroe heeft haast en de sponsors van de Groningse Economic and Business Students hadden het graag er voor over.
Hoeveel de weinig verrassende preek van good old Al in totaal heeft gekost willen de studenten niet zeggen. Maar een babbel van een voormalig vicepresident van de VS krijg je niet snel onder de 60.000 euri. De Raedthuys Groep deed de grootste duit in het sponsorzakje. Het bedrijf heeft immers belang bij opjagen van de vraag naar groene horizonvervuilende windturbines en dierenpoepvergassers. En Nobelprijswinnaar Gore heeft op zijn beurt belang bij winstgevende ondernemingen in de groene businesssector. Hij zit er zelf tot over de oren in door zijn belangen in General Investment Managenent en Kleiner Perkins Caufield & Byers, geldschieters voor bedrijven in de trendy renewable energy sector. Het is dan ook grappig dat Gore, een dag later in het Schotse Edinburgh, uithaalde naar politici die, zoals hij zei, geobsedeerd zijn door het nastreven van eigenbelang en dat van de bedrijven die hun campagnes spekken. Het is maar hoe je het bekijkt. Maar voor Gore geldt: there’s no business like green business. Misschien was het dat wat hij bedoelde met ‘een ongemakkelijke waarheid’.
|
|
|
Digitale snelwegpiraten |
|
|
|
Han Kogels
|
|
dinsdag 06 september 2011 |
|
Dat was me wat! Minister Piet Hein Donner die in het holst van de nacht het volk met droge ogen adviseert om internet te mijden en maar weer gewoon brieven te schrijven en overschrijvingskaarten te gebruiken. Schrijven? Ja, hallo, met een pen zeker! Staatssecretaris Frans Weekers, die over belastingen gaat, hield zijn tenen krom. ‘Straks zegt-ie ook nog dat alle belastingplichtigen maar weer hun belastingaangifte op papier moeten doen. Kunnen mijn ambtenaren al die hanenpoten weer gaan ontcijferen!’ mompelde hij. Dus stuurde hij snel een sms-je naar Piet Hein, maar die had (per fiets op weg naar de studio) zijn smartfoontje met een grote boog in de Hofvijver gedumpt. Je weet maar nooit! Zeker niet nu we weten dat DigiNotar, de hofleverancier van digitale beveiligingscertificaten voor onze overheid, zo lek is als een vergiet. Ze schijnen zelfs geen virusscanners in hun systeempjes je hebben.
En wij maar denken dat we veilig digitaal kunnen communiceren met de fiscus en andere overheidsdiensten, zoals gemeenten. Niet dus. Een dag of wat konden helemaal niet meer on-line met onze e-overheid, want de beveiliging moest even snel op orde worden gebracht. Die operatie is trouwens nog steeds niet helemaal achter de rug, zodat we nog een tijdje het risico lopen achtervolgd te worden door digitale snelwegpiraten die net zo onzichtbaar zijn als de al dan niet bestaande snelwegschutter die autoruiten aan barrels knalt. Het leven is vol gevaar, zeg dat wel.
Dat wist de belastingdienst al in 1892. De aangifte voor de toen ingevoerde vermogensbelasting diende te worden gedeponeerd in prachtige gietijzeren brievenbussen met Rijkswapen bij het gemeentehuis. Die konden alleen door een ambtenaar van de belastingdienst worden geleegd. Er is nog een mooi exemplaar in het Belasting- en douanemuseum in Rotterdam. Dat waren nog eens tijden, minister Donner!
|
|
|
Oh dennenboom |
|
|
|
Han Kogels
|
|
zaterdag 30 juli 2011 |
|
Midden in de kwakkelzomer van 2011 tekent zich in Den Haag een politieke rel af. Kamerlid Helma Neppérus is verontwaardigd. De Belastingdienst heeft namelijk een Europese aanbesteding gedaan voor de kerstversiering die 105 belastingkantoren dit jaar in de juiste kerstsfeer moet brengen. Officieel gaat het volgens de website aanbestedingskalender.nl om: ‘Leveren (huur van), plaatsen en (na de kerstperiode) verwijderen van kerstdecoraties en –verlichting’. Zo’n aanbesteding is alleen nodig als het om meer dan 125.000 euro gaat. Dat is dus meer dan 1.200 euro per boom. Voor één kerst! Hoe hoog het bedrag precies is, en of dat alleen de ballen en de lampjes of ook de kerstbomen betreft, is uit de stukken niet op te maken. Maar Helma vindt dat bedrag hoe dan ook te hoog en dus heeft zij Kamervragen gesteld aan Frans Weekers, de staatssecretaris van Financiën. En niet onterecht, als je het mij vraagt. Even surfen op internet leert immers dat je voor nog geen 600 euro een brandveilige kunstboom van ongeveer 2½ meter hoog kunt kopen, voorzien van ledlampjes met energielabel A. Gooi er nog eens 200 euro tegen aan voor slingers en onbreekbare ballen, en je hebt voor 800 euro inclusief btw een complete boom die jarenlang gebruikt kan worden, nooit uitvalt en geen jaarlijkse boomkap vereist. Duurzaam én groen. Wat wil je nog meer?
Dus niks geen Europese aanbesteding, maar gewoon even struinen op internet en ook nog eens een stevige kwantumkorting eruit persen. Het kostenplaatje wordt geheid een heel stuk lager. En nu we het er toch over hebben: zo’n boom hoort, uiteraard nadat Sinterklaas is vertrokken, niet in de kantine van het belastingkantoor te worden gezet, maar in de ontvangsthal. Als geste in de richting van de belastingbetaler. Men zou zelfs kunnen overwegen er een bordje onder te plaatsen met zoiets als: ‘Dank aan de Belastingbetaler en Zalig Kerstfeest gewenst’. Maar dat vergroot misschien de toch al niet geringe belastingweerstand. Dus dan maar liever niets onder de boom. Ook geen pakjes, want dat kost weer 105 extra beveiligingsfiguren die drie weken lang moeten controleren of er geen enge dingen in die pakjes zitten. Intussen maakt de belastingdienst aan de overzijde van de grote plas zich minder druk om een kerstboom dan over de vraag of er tegen die tijd nog salarissen worden uitbetaald.
|
|
|
Het spel wordt duur betaald |
|
|
|
Han Kogels
|
|
zondag 17 juli 2011 |
|
Regeren is vooruitzien. Soms heel ver vooruitzien. Drie jaar geleden zette Balkenende IV zich achter het plan van Het Nederlands Olympisch Comité en de Nederlandse Sport Federatie om te proberen de Olympische Zomerspelen 2028 naar Nederland te halen. Tegen die tijd is Edith Schippers, onze huidige minister van Volksgezondheid Welzijn en Sport, 64 jaar. Dus nog lang niet toe aan AOW (als de AOW dan nog bestaat). Maar als we in 2019 klaar willen zijn om door het Internationaal Olympisch Comité te worden gekozen, dat moet Nederland aantonen op Olympisch Niveau te zijn. Dat betekent tussen 2009 en 2016 de nodige investeringen in stadions, voorzieningen om 10.000 atleten en 6 miljoen bezoekers te huisvesten, en mobiliteitsvoorzieningen om het hele boeltje niet in de file te laten staan. De schattingen liggen tussen de 250 en 900 miljoen per jaar. Maar kosten schatten is moeilijk, zeker als je iets heel graag wil hebben. De kosten van de Spelen in Londen (2012) blijken nu al bijna vier maal zo hoog te zijn als de 2,5 miljard euro die aanvankelijk werd begroot. De Spelen in Athene (2004) kostten tien miljard: het dubbele van wat er was geschat. Het leidde tot een tekort van meer dan vier procent op de begroting van de Griekse staat en leverde daarmee een aardige bijdrage aan het Griekse drama van nu. In Nederland zijn we natuurlijk niet zo dom (hopen we).
Voordat we over acht jaar met het ‘bidbook’ onder de arm naar het IOC in Lausanne afreizen, wil Edith een beeld hebben van het hele financiële plaatje. En dus heeft zij opdracht gegeven voor een kosten- en batenanalyse. Hoewel het rapport nog niet is gepubliceerd, zegt RTL Nieuws kennis te hebben van de conclusies. Daaruit zou blijken dat de Spelen van 2028 de Nederlandse belastingbetalers naar schatting twee miljard euro gaan kosten (als de euro dan nog bestaat). Zelfs als het daarbij blijft is dat knap duur. In 1928 kostten de Spelen in Amsterdam ons per saldo (omgerekend) 12.700 euro. Maar ja, alles is duurder geworden en de zeurpieten die het té duur vinden zullen ongetwijfeld uit Den Haag te horen krijgen dat sportevenementen op topniveau een positieve uitwerking hebben op de hele samenleving. Het is vooralsnog de vraag of in die twee miljard euro ook een post is opgenomen voor belastingvrijdom voor de organisatoren van de Spelen, zoals de FIFA dat eiste voor het WK voetbal. Het zou goed zijn als onze regering deze keer meer openheid betracht, zodat onze volksvertegenwoordigers en wij tijdig te weten komen of het IOC soortgelijke eisen stelt.
Hoe dan ook, als Nederland straks weer een keertje gastland mag spelen, dan is het te hopen dat we bij het nieuwe Olympisch Stadion, in Almere of zo, een aangenamer standbeeld plaatsen dan indertijd bij het oude Olympisch Stadion in Amsterdam. Het is mij nog altijd een raadsel waarom we die bronzen ariër, die in sportbroekje de hitlergroet brengt, in mei 1945 niet subiet van zijn sokkel hebben getrokken.
|
|
|
Sober leven en hard werken |
|
|
|
Han Kogels
|
|
dinsdag 14 juni 2011 |
|
Dat was het devies in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Nederland moest er na de Tweede Wereldoorlog weer bovenop zien te komen. Mede door de Marshallhulp begon een lange periode waarin we onze welvaart gestaag zagen toenemen. Huishoudelijke apparaten maakten ons leven gemakkelijker. We kochten meer, snellere en luxueuzere auto’s. Vliegen, eerst nog voor de happy few, ontwikkelde zich tot massavervoer. We gingen vaker en verder met vakantie. De grote zwarte PTT telefoontoestellen met draaischijf maakten plaats voor mobieltjes waarmee we ook naar muziek luisteren, foto’s en filmpjes maken en vrolijk erop los twitteren en facebooken. Bankbedienden in keurige pakken werden vervangen door euroflappentappers in de muur. De computer zou binnen een paar decennia ons dagelijks leven gaan bepalen. Het devies werd: goed leven en hard werken, maar tijdig stoppen om te kunnen genieten. In 1957, het jaar waarin het derde kabinet Drees de AOW invoerde, werd een 65-jarige nog gemiddeld 79 jaar. De babyboomer betaalde de AOW-premie om zijn ouders en grootouders van een basispensioen te laten genieten als die de leeftijd van 65 jaar bereikten. In de stellige verwachting dat de volgende generaties hetzelfde zouden doen als de babyboomer zelf ‘van Drees ging trekken’. Iedereen kon natuurlijk al lang zien aankomen dat de geboortegolf van toen een bejaardengolf zou worden, die gemiddeld ruim 81 jaar oud wordt. Maar we verdrongen de gedachte dat het heel wat solidariteit van de jongere generaties vereist om de oudjes van nu een AOW-uitkering te geven. Om nog maar niet te spreken over alle andere kostbare voorzieningen die de grote grijze generatie nodig heeft.
En toen werd onze global economy verrast door de kredietcrisis en de daarop volgende economische crisis die de welvaartsbubbel deden barsten. Het vertrouwen in banken en regeringen kelderde. Tot dan toe hadden we een heilig geloof gehad in bomen die tot in de hemel groeiden en in pensioenverzekeraars die altijd voldoende reserves zouden hebben om gepensioneerden (vaak jonger dan 65 jaar) een aangenaam pensioen naast de AOW te betalen. Intussen weten we beter. De inkt van het recente pensioenakkoord tussen het kabinet Rutte en de centrale werkgevers- en werknemersorganisaties is nog nat. De achterbannen moeten zich er nog over uitspreken. Maar de waan van het eeuwigdurende Zwitserlevengevoel heeft plaats gemaakt voor de vrees dat de pensioenfondsen, en dus de gepensioneerden, speelbal worden van een grillige beurs. En wie na 1954 is geboren moet jaarlijks zo’n zes procent AOW inleveren als hij of zij niet op 65-jarige leeftijd maar met 66 wil ophouden met werken. De lange Sinterklaasavond is voorlopig voorbij. Het wordt weer een tijdje sober leven en hard (door)werken.
|
|
|
Groene snoepjes |
|
|
|
Han Kogels
|
|
vrijdag 27 mei 2011 |
|
Onze fiscale wetgeving is onderhand aardig doorspekt met allerlei maatregelen die het gedrag van burgers en bedrijven moeten bestraffen of belonen. Als dat fiscaal instrumentalisme tot doel heeft ons slechte milieugedrag te verbeteren, heet het ‘vergroening van de belastingen’. Er vloeit intussen ongeveer 14 miljard euro aan groene belastingen in ‘s lands schatkist. In hoeverre dat een positieve bijdrage levert aan de redding van het milieu, blijft echter vaag. Als de Kamer moet beslissen over die groentaksen liggen er indrukwekkende econometrische modellen op tafel om de heilzaamheid ervan te voorspellen, maar we meten achteraf niet echt hoe ze uitwerken. Wel worden er later verwoede pogingen gedaan om aan te tonen hoe succesvol een vergroeningsmaatregel is geweest. Zo wordt in sommige kringen de daling van het aardgasverbruik sinds 1996 graag aangevoerd als bewijs dat de in dat jaar ingevoerde energiebelasting ons stookgedrag succesvol heeft beïnvloed. Maar daarbij wordt niet vermeld dat de gemiddelde jaartemperatuur in 1996 uitzonderlijk laag was en dus het gasverbruik uitzonderlijk hoog. En als je de moeite neemt om de statistieken vanaf 1978 goed te bekijken, dan zie je een logisch verklaarbaar verband tussen de (stijgende) gemiddelde jaartemperaturen en het (dalende) gasverbruik. Overigens blijkt uit die cijfers ook dat het aardgasverbruik in de jaren tachtig afnam na de invoering van subsidies op woningisolatie en hoogrendementsketels. Kennelijk werken snoepjes beter dan zweepjes.
Dat hebben we gezien toen het vorige kabinet overging tot verlaging en zelfs vrijstelling van de BPM en de motorrijtuigenbelasting (MRB) op zuinige auto’s. En de wetgever toonde zich ook gul door de leaseautobijtelling in de inkomstenbelasting elf procent lager te maken voor de zuinige exemplaren. Het bleek al snel een successcenario. Dit jaar schijnt zelfs een op de drie verkochte auto’s vrij van BPM en MRB rond te toeren. Dat is mooi voor het milieu, maar slecht voor de schatkist. En zo lijkt deze vergroeningsmaatregel aan zijn eigen succes ten onder te gaan. RTL meldde dezer dagen dat minister van Financiën Jan Kees de Jager en zijn staatssecretaris Frans Weekers die groene lokkertjes in 2013 willen afschaffen, omdat ze de staat 700 miljoen euro per jaar zouden kosten. Is dat de enige reden? Ik betwijfel het. Er speelt namelijk nog iets anders op de achtergrond. Tot voor kort bestond het plan om over een paar jaar de BPM en de MRB af te schaffen en te vervangen door een nieuwe loot aan de fiscale treurwilg: rekeningrijden. Omdat dat snode plan intussen van tafel is geveegd, worden de BPM en de MRB gehandhaafd. Het zou me dus niet verbazen als de groene faciliteiten eruit worden gesneden en de lagere bijtelling voor zuinige leasebakken ook het loodje zou leggen. Kassa! Waarschijnlijk blijven volledig elektrische auto’s voorlopig nog vrijgesteld, want die rijden er nauwelijks, dus dat deert de schatkist niet. Groene snoepjes zijn goed voor het milieu, maar als het de overheid geld gaat kosten is het uit met de pret.
|
|
|
Europese herfst |
|
|
|
Han Kogels
|
|
donderdag 28 april 2011 |
|
Even terug naar oudejaarsavond 1992. Wie toen om middernacht aan de buis gekluisterd zat, zag hoogwaardigheidsbekleders met veel vertoon de rood-witte slagbomen wegdragen, die tot dan toe dienst hadden gedaan aan de grenzen tussen de Europese lidstaten. Een mooi stukje symboliek dat aangaf dat we de controles aan de binnengrenzen van de EU gingen afschaffen. Dat was al afgesproken in het Akkoord van Schengen, een plaatsje op de grens tussen Duitsland, Frankrijk en Luxemburg. Intussen passen alle lidstaten behalve Engeland, Ierland, Cyprus, Bulgarije en Roemenië het Schengenverdrag toe. Zonder al te veel problemen, zolang de controles aan de buitengrenzen van het Schengengebied maar worden gehandhaafd.
En dat ging mis nadat begin dit jaar in Tunesië de Jasmijnrevolutie een eind maakte aan het regime van president Zine al-Abidine Ben Ali. Zo’n 20.000 Tunesiërs zagen hun kans schoon de benen – of liever de boot – te nemen naar Lampedusa, een Italiaans eilandje tussen Tunesië en Sicilië. Een tussenstop op weg naar Frankrijk, waar veel verwanten wonen en Frans wordt gesproken. Tot woede van Nicolas Sarkozy gaf Silvio Berlusconi de immigranten een tijdelijk visum voor de Schengenlanden, omdat Europa de hand op de knip hield en Italië de last niet alleen wil dragen. Wat zou Nederland hebben gedaan? In 2010 kwam een derde van de 150.000 Nederlandse immigranten uit niet-westerse landen en als je de emigranten ervan aftrekt nam ons inwonertal per saldo toe met ruim 30.000 zielen. We zijn dus wel wat gewend, maar ik ben benieuwd wat onze gedoogcoalitie zou doen als volgende week 20.000 Frans sprekende gelukszoekers uit Tunesië in de haven van Vlieland staan te wachten tot de pont van rederij Doeksen ze naar Harlingen brengt.
Hoe dan ook, in Europa worden de messen geslepen. De onrust in de landen aan de overzijde van de Middellandse Zee verhoogt de immigratiedruk op de Europese buitengrenzen en stuwt nationale belangen naar een hogere plek op de politieke agenda. Silvio en Nicolas zijn intussen weer on speaking terms en proberen in de vrije Schengenruimte tussenmuren te laten optrekken. Het wordt een hete zomer waarin zal blijken of de ‘Arabische Lente’ de voorbode is van een ‘Europese Herfst’.
|
|
|
Haags geschutter |
|
|
|
Han Kogels
|
|
woensdag 30 maart 2011 |
Wie ooit zijn militaire dienstplicht heeft vervuld kent de knullige instructiefilmpjes voor de manschappen van weleer. Ze begonnen en eindigden steevast met DIENSTGEHEIM in vette letters op het scherm. Dus mondje dicht mannen, want als je tijdens weekendverlof aan familie en vrienden zou vertellen dat de compagnie ten onder kan gaan door vuile sokken of het eten van gevulde koeken, dan zou de vijand dat ook te weten kunnen komen. Tijdens de koude oorlog werd de vijand steevast ‘Iwan’ genoemd. Welk koosnaampje zouden ze hebben bedacht voor de vijand waartegen ons beroepsleger in de hete oorlog van nu vecht? Ik vraag me ook af of defensieminister Hillen vroeger in militaire dienst is geweest. Waarschijnlijk niet. Toen hij een paar weken geleden onder vuur lag in verband met integriteitincidenten (mooi woord voor grof gesjoemel met belastinggeld) vroeg hij direct een oud-generaal een rapport te schrijven over de militaire cultuur. Ben benieuwd of ook op dat rapport met vette letters DIENSTGEHEIM komt te staan.
Gisteren voerden Kamerleden een dappere aanval uit op Hillen en zijn ambtsgenoot Rosenthal van Buitenlandse Zaken om de geheimzinnigheid rondom de mislukte helioperatie in Libië te doorbreken. De strijd was live te volgen op Politiek24. Bleek weggetrokken bewindspersonen deden verwoede pogingen het verhaal over hun geschutter in parlementaire taal te verpakken. Maar het bleef onduidelijk of een voicemail nooit was aangekomen of dat die door ministerieel gestuntel met een mobieltje voortijdig was verwijderd. Je moet maar met zo’n ding kunnen omgaan, nietwaar? En het bleef ook onduidelijk waarom de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (hun wapenspreuk luidt: ‘De verdienste ligt in het kunnen onderkennen van de waarheid’) op die regenachtige kille zondag van 27 februari 2011 onbereikbaar was. Zat korporaal Bond (shaken, not stirred) met zijn charmante assistente Moneypenny te chillen in de sauna? De hamvraag was natuurlijk of de hoofdrolspelers in het kabinet Rutte de situatie van meneer NN, die uiteindelijk eerder thuis was dan de door Gaddafitroepen gevangengenomen helikopterbemanning, terecht als nijpend hebben ingeschat. Nee dus. Maar met woorden als ‘ernstige afwegingsfouten’, ‘zeer grote spijt’ en ‘lessen voor de toekomst’ kwamen de zwaar bestookte bewindspersonen er wonden likkend mee weg. De PVV maakte door haar gedooghouding de weg vrij om in een ander debat te kunnen scoren. Wie intussen buikkrampjes had bij de gedachte aan een kabinetscrisis over een gedane zaak, kon opgelucht ademhalen. En zo eindigde weer een aflevering in de soapserie Haags geschutter. |
|
|
Camiel's dure dwalingen |
|
|
|
Han Kogels
|
|
maandag 07 maart 2011 |
|
In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Hopelijk geldt dat ook voor in het verleden begane dwalingen, want anders staat onze nationale luchtvaartmaatschappij nog wat te wachten. De op 1 april aantredende KLM-directeur Camiel Eurlings heeft als minister van Verkeer en Waterstaat namelijk een zekere reputatie opgebouwd. Zijn collega van Financiën Wouter Bos zag likkebaardend uit naar de door Camiel voorgestelde invoering van een als milieumaatregel verpakte vliegticketbelasting. Die zou zijn schatkist jaarlijks met 350 miljoen euro gaan spekken. Maar in plaats van minder te gaan vliegen, koos het volk voor prijsvechters die vanaf buitenlandse luchthavens vertrekken. Dus één jaar na invoering crashte de vliegtax. Schiphol en de KLM weer blij. Als je met de kennis van nu terugkijkt (een geliefde bezigheid in de politiek) zou je bijna Cruijff citeren: ‘Elk nadeel heb z’n voordeel!’
Intussen had Camiel zich plat laten adviseren over een baanbrekend plan om wegen te financieren: de kilometerheffing. Op zijn eigen ministerie werd er voor 100 miljoen euro over nagedacht en een legertje externe adviseurs dacht voor nog eens 100 miljoen euro gezellig mee. De ANWB moest het volk warm maken voor deze langs elektronische weg geheven belasting waarbij 8 miljoen kilometerbelastingplichtigen 96 miljoen aanslagen per jaar zouden ontvangen. Een beetje fiscalist vraagt zich af wie er in hemelsnaam op zo’n krankzinnig idee komt. Maar nog voordat de nieuwste loot aan de fiscale treurwilg was uitgebot, plofte Balkenende IV uit elkaar na een ruzie over Afghanistan. Daarmee verdween ook het plan voor de kilometerheffing. Zonder dank aan de belastingbetaler voor die nutteloze afgedwongen donatie van 200 miljoen euro. Naar verluidt zijn alle dure adviezen weer terugverhuisd van het ministerie naar de archiefkasten van de adviseurs. Dus als er weer eens iemand met een kilometerheffing op de proppen komt, kunnen we voor veel geld die adviezen opnieuw kopen. Met dank aan Camiel.
|
|
|