Menu
Home
Theo Monkhorst
Han Mulder
Dick Toet
Paul van Velthoven
Marjolijn Uitzinger
Hetty van Rooij
Frans Wijnands
Marc De Koninck
Han Kogels
Frans kok
Gastschrijver
Henk Beereboom
Plein
Vertel het verder!
Klik hier en stuur deze website naar uw vrienden:
e-mail to a friend
Plein

Mohammed R. op tournee

Ik kwam in De Volkskrant de zoveelste brief tegen van politieke veteranen die VVD en CDA waarschuwen om niet in zee te gaan met Wilders. Hedy d'Ancona – kwiek en kras tenslotte – was één van de ondertekenaars. En hé, daar was Mohammed Rabbae ook weer! Minstens zo onvermoeibaar op tournee door medialand. In 1989 toonde Mohammed R. veel begrip voor de fatwa van de ayatollah's op het hoofd van Salmon Rushdie, schrijver van de Duivelsverzen, je reinste blasfemie immers. En nu, ruim twintig jaar later, Mohammed R. als briefschrijver in de rol van beschermer van de grondrechten, waaronder dat van vrije meningsuiting. Als dat niet onvermoeibaar is, weet ik het niet meer. Doorgaan Mohammed!

Han Mulder
DE CAMERA TREFT GEEN SCHULD Afdrukken E-mail
Gastschrijver   
dinsdag 23 februari 2010


Richard Schoonhoven


Het is een vraag waarop geen antwoord mogelijk is, maar toch: hoe zou de discussie in het parlement dat leidde tot de ondergang van het kabinet zijn verlopen zonder de aanwezigheid van de camera? In het televisiejaarboek van de NOS in 1982 schreef ik over de ambivalentie van de televisie ten opzichte van de politiek: Televisie is onmisbaar geworden voor de instandhouding van de democratie en tegelijkertijd verlaagt zij het politieke bedrijf tot mannetjesmakerij.
Kamervoorzitter Van Thiel heeft het op zijn geweten. Aan het eind van de zestiger jaren mocht de camera naar binnen en van 1970 af was het de televisie zelfs toegestaan eigen samenvattingen van de debatten uit te zenden.
Van Thiel zal ongetwijfeld op de hoogte zijn geweest van de bezwaren van tal van geachte afgevaardigden toen de geschreven pers toegang kreeg tot de beraadslagingen.Dat was in het begin van de negentiende eeuw. Het was een fel omstreden ingreep. De argumenten van de tegenstanders zijn ook vandaag nog herkenbaar.De afgevaardigden zouden willen gaan schitteren voor de publieke tribune. De oppositie zou de gelegenheid grijpen om te dingen naar de volksgunst en het zou een competitie worden in welsprekendheid in plaats van een debat op argumenten. Het zou een “openbare tentoonstelling” worden waarschuwde de voorstanders van een besloten debat, zoals onze voormalige collega dr. Nico Cramer in Parlement en Pers beschrijft: ”Men wil brilleren, men redeneert en oreert; men wordt het oneens; men disputeert; de driften worden gaande; men echaufeert zich en brengt niets ten effecte, omdat de een niet wil hebben dat de ander de eer heeft van eenen goede daad”.
Ook zonder camera kon volgens de kenners van gisteren een debat worden opgebouwd waarin de emoties worden opgeroepen, waarvan we recent weer getuige waren.

In de pr-industrie wordt herhaaldelijk betoogd dat het televisiescherm uiteindelijk de arena is waar de politieke strijd wordt beslist.Als bewijs daarvoor wordt telkens opnieuw verwezen naar het grote treffen tussen Kennedy en Nixon (1960), die vier debatten met elkaar op het scherm uitvochten. Het regiment mediaconsultants, pr-adviseurs en andere leveranciers van oneliners hebben blijkbaar dit historische symbool nodig om hun onmisbaarheid aan te tonen. Zij het met een versimpeling van de resultaten van het veelomvattend onderzoek dat de debatten begeleidde. Die waren minder eenduidig dan wordt gesuggereerd. Uit de verzamelbundel The Great Debates blijkt dat partijtrouw een dominante factor is. Zelfs zodanig dat argumenten van de tegenstander werden toegeschreven aan hun favoriete kandidaat, als hen dat van pas kwam.De zwevende kiezers lieten zich door de debatten niet in een richting leiden. De winst voor Kennedy was de landelijke uitstraling die hij als onbekend senator tijdens de debatten verwierf. Maar er werden geen “touch downs” door de onderzoekers waargenomen.
De destijds populaire mediafilosoof Marshall McLuhan durfde wel op basis van de vier debatten de stelling aan dat de televisie niet zozeer de kiezers maar wel de kandidaten en het debat had beïnvloed: ”Het (ver)vormen van het image had de plaats ingenomen van het uitwisselen en bespreken van tegengestelde visies.” Bij dat proces spelen de mannetjesmakers een bepalende rol.

Een paar weken terug zag ik de mannetjes opdoemen achter de rug van minister Bos. Het gebeurde een paar weken voor de nacht van de breuk. Ik volgde het rechtstreekse verslag van de zitting over het failliet van Griekenland.Via het scherm heb je dankzij het veelvuldige optreden van de minister een idee gekregen van hoe hij er van binnen en buiten uitziet. Een minister die nuances weet aan te brengen.Trefzeker opererend tijdens een wereldomspannend bankroet. Een man die kan relativeren. Met hier en daar een vleugje ironie. Bij gelegenheid wat cynisch als hij onkunde ontmoet.
Hij had een gedaantewisseling ondergaan.Hij was onherkenbaar.Daar stond een bonk daadkracht en duidelijkheid.Geen maar, geen indien, geen tenzij, geen wellicht: Geen Nederlandse Euro naar de Grieken!, stelde hij met stemverheffing vast. De volksvertegenwoordiging had geen woorden genoeg om zijn instemming te betuigen.Zelfs de PVV drukte hem aan de borst. Het vermoeden dat hij voor 2013 wel eens met een andere, tegengestelde visie zou moeten instemmen moet hij als minister met inzicht in de economie van Europa nauwelijks hebben kunnen verdringen.

De mannetjesmakers hebben hem onder handen genomen, flitste door mijn hoofd.De peilingen hadden hun zenuwgestel aangetast en hem voorgehouden dat het uit moest zijn met die nuances. Daadkracht en duidelijk moest hij van vandaag af uitstralen.Daarom zat hij een paar dagen later als enige minister tussen de fractieleiders aan bij het debat voor de NOS over de gemeenteraadsverkiezingen.

In de aanloop naar de laatste parlementsverkiezingen was het schuim duidelijk op het scherm aanwezig. J.P.Balkenende werd als een kleintje bier door populaire programma’s heen getrokken. Hij moest laten zien dat hij niet die stijve hark was uit de provincie, die hij zo vaak lijkt. Bos moest zich een plaats veroveren in de harten van de nieuwe generatie. Hij droeg een jongmakend hesje en werd op het scherm onder meer vertoond in de armen van een nationaal sekssymbool. Terwijl elke Nederlander weet dat hij een keurige huisvader is, die op weg is zich het prestige eigen te maken nodig voor het premierschap. En Balkenende moet zich neerleggen met de uitstraling van een kapotte lantaarnpaal, dat de Amsterdamse grachtengordel hem heeft aangepraat, maar elke Nederlander weet dat hij eerlijk en waarachtig worstelt om boven te komen.Dat beide heren lijden aan een egovergroting is eveneens bekend.

Jazeker, televisie is onmisbaar geworden voor de instandhouding van onze democratie. Het politieke proces is zichtbaar geworden.We kijken met genoegen toe hoe de dames en heren wedijveren in welsprekendheid en “hoe de driften gaande worden “. De kijker heeft intussen geleerd wanneer er toneel wordt gespeeld, wanneer er elementen worden toegevoegd die niet bij hen horen, wanneer zij hun eigen persoonlijkheid geweld aan doen.De kijker herkent vandaag de dag zelfs de mannetjesmakers achter de rug van de politici.Hij is geen “analfabeeld “ meer.


 
< Vorige   Volgende >