| Menu | ||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
| Vertel het verder! |
|---|
|
Klik hier en stuur deze website naar uw vrienden: e-mail to a friend |
| Plein |
|---|
|
Kerstboom De dodenherdenking op 4 mei is geen juist moment om in lachen uit te barsten. Toch gebeurt me dat (vermengd met grote ergernis) als ik Willem Alexander zie in zijn uniform. Een soort wandelende kerstboom. En 2 jaar geleden een rennende kerstboom, toen hij zijn vrouw aan haar lot overliet in de paniek rond de damschreeuwer. Waarom dost die man zich zo raar uit? Hij is toch geen beroepsmilitair? Bij zijn opa zat het in zijn Pruisische genen. En, eerlijk is eerlijk, hem stond het ganz nett. Bij Prins Pils staat het voor geen meter. En ik denk dat Claus zich elke keer omdraait in zijn graf, om het niet te zien. Frans Kok |
| Haagse Rss |
|---|
| Franstalige politici in Belgie zijn de regie kwijt |
|
|
| Paul van Velthoven | |
| vrijdag 15 juli 2011 | |
|
Gent - De Franstaligen in België zijn zeer boos op de leider van de Vlaamse nationalisten Bart de Wever. Vorige week brandde hij een nota van de Waalse socialist en beoogd premier Elio di Rupo vrijwel volledig af. Voor het eerst had een Franstalige Belgische politicus een uitgewerkt schriftelijk voorstel gedaan om uit de regeringscrisis te komen waar België nu al een jaar mee worstelt. Di Rupo had er van de koning meer dan twee maanden aan mogen werken. Vlaamse politici hadden eerder voorstellen gedaan onder wie De Wever zelf die in het afgelopen najaar nauwelijks meer dan een week de tijd had gekregen om zijn voorstellen uit te werken. Toen hadden de Franstalige partijen zelfs geen bedenktijd nodig gehad om de diens nota naar de prullenmand te verwijzen. Naderhand was dat ook het lot geweest van de nota’s van twee andere prominente Vlaamse onderhandelaars. De Franstaligen vonden dat ze zich ditmaal van hun beste kant hadden laten zien. Had Di Rupo niet ingestemd met een splitsing van het Brussel-Halle-Vilvoorde-district, het symbooldossier bij uitstek van de communautaire strijd tussen Vlamingen en Franstaligen, waardoor er een eind zou komen aan de bevoorrechte positie van Franstalige kiezers op Vlaams grondgebied? Maar wat bleek bij nadere lezing: in ruil daarvoor zouden de Vlamingen in Brussel zelf zich niet langer politiek mogen organiseren. Vlaamse politici zouden voor hun verkiezing in het Brusselse bestuur afhankelijk moeten worden van tweetalige lijsten waarop de Franstaligen domineren.. Aan de tweetaligheid van de stad en daarmee ook aan de ontmoetingsfunctie van de stad voor de twee taalgemeenschappen zou zo de doodsteek worden toegebracht. Bovendien zou de toelage aan de armlastige stad die nog altijd in negentien zelfstandige gemeenten is opgedeeld, met zeshonderd miljoen euro moeten worden verhoogd. In de praktijk zullen de Vlamingen dit moeten opbrengen, want zoals bekend is behalve Brussel ook Wallonië al decennia lang zwaar armlastig. Tenslotte bleek bij nadere lezing dat aan de bevoordeling van Franstalige ingezetenen rond Brussel in de zogenaamde faciliteitengemeenten (die Franstaligen in van oorsprong Vlaamse gemeenten bepaalde administratieve rechten geven) geen definitief einde komt. Zij zullen bepaalde rechten als Franstalige bewoners van die randgemeente houden. Verdeel en heers In dit onderhandelingsaanbod ziet men in een notedop waaruit de strategie van de Franstalige partijen sinds jaar en dag bestaat. Het is een verdeel- en heerspolitiek die er altijd toe heeft gediend om in naam van een Belgisch nationaliteitsideaal hun greep op het land te behouden, terwijl zij slechts een duidelijke minderheid vormen (nog geen veertig procent van de totale Belgische bevolking. De Franstaligen zijn op taalkundig gebied altijd wars geweest van duidelijk getrokken grenzen, de onverbiddelijke voorwaarde voor pacificatie tussen de twee taalgemeenschappen zoals de geschiedenis in andere taalconflicten heeft uitgewezen en daarmee voor rust op het taalfront. Bij gebrek aan duidelijke grenzen woekert de taalstrijd in het gebied rond Brussel onverminderd voort. Het beginsel: Nederlands in het openbare leven in het Vlaamse gebied en Frans in Wallonië, zoals het in de taalwetten is vastgelegd, hebben de Franstaligen in de praktijk nooit aanvaard. Zij leunen nog altijd op de uitspraak in de Belgische grondwet van 1830 waarin gesteld werd dat het gebruik van de talen in het land vrij is. Dat leidde in de negentiende eeuw tot de onderwerping van de Vlaamse meerderheid aan de Franstalige minderheid. Niet alleen wijzen de Franstaligen duidelijke grenzen af om taalpacificatie mogelijk te maken, ook de vergaande bevoegdheidsverdelingen die in het kader van de federalisering van het land werden doorgevoerd, hinken steeds op twee gedachten. Beleidsterreinen hebben vrijwel steeds een regionale component en een nationale. De deelstaten Vlaanderen en Wallonië mogen bijvoorbeeld zelf uitmaken waar flitspalen komen te staan. Langs de snelwegen in Vlaanderen staan ze er volop, in Wallonië veel minder. Het geld dat die flitspalen opleveren, gaat naar de centrale kas. De federalisering van bevoegdheden heeft een vrijwel ondoordringbaar woud van regelgeving geschapen met dito ambtenaren waarin alleen specialisten nog de weg weten. Maar per saldo betekent dat de staat federaal en nationaal tegelijk is. Deze aanpak speelt de Franstalige minderheid steeds weer in de kaart. Inschikkelijk Tot nu toe was het zo dat Vlaamse politici die tot het Belgische establishment toetraden zich schikten naar de eisen van de Franstalige minderheid. Zonder hun toestemming was geen akkoord mogelijk. Zo is het in de grondwet geregeld. De spanningen binnen dit model konden lange tijd verhuld worden doordat de Vlaamse partijen in ruil voor geld van de Franstaligen nieuwe bevoegdheden kregen voor hun eigen deelstaat. Maar die waren dus nooit volledig. Nu is er voor het eerst in Vlaanderen een welbespraakte politicus opgestaan die het Belgische compromis weigert. De Wever wenst niet langer de financiële rekening van het Belgische model uitsluitend te laten neerkomen bij de Vlamingen, nu de staat als gevolg van de economische crisis bankroet dreigt te gaan. Vandaar de grote consternatie bij de Franstalige politieke partijen. Dit hebben zij niet eerder meegemaakt. Voor het eerst in de Belgische geschiedenis zijn zij de regie kwijt. De Wevers gedrag wordt onverantwoord genoemd en de meeste opiniemakers volgen hen daarin. Veel Vlaamse politici zijn gevoelig voor die kritiek en proberen daarom de schijn op te houden: we moeten verder praten en alsnog tot concessies bereid zijn. Maar zo niet de Vlaamse aanhangers van De Wever. Die zien de aardverschuiving die zich aan het voltrekken is. De rollen van Franstaligen en Vlamingen zijn voor het eerst in honderd tachtig jaar Belgische geschiedenis omgedraaid. Zij herkennen zich volledig in de handelwijze van De Wever. Na het duidelijke en omstandig gemotiveerde neen op de nota van Di Rupo ging diens score in het Vlaamse land blijkens opiniepeilingen met maar liefst zestien procent omhoog. Eindelijk is hier een politicus, zeggen ze daar, die zich niet langer laten ringeloren. Wat zeker meespeelde was dat het hof en Franstalige politici geprobeerd hebben De Wever en zijn partij de voet dwars te zetten. Het Belgische establishment kan slechts overweg met die Vlaamse politici die het Belgische compromis aanvaarden. Zoals de Britse publicist Theo Dalrymple opmerkte: een Vlaamse politicus die neen zegt is staatsgevaarlijk, een Waalse politicus die nee zegt, is daarentegen een staatsman. Hoe nu verder? De Wever rekent er ongetwijfeld op dat, wanneer zijn aanhang groeit en wanneer dit door nieuwe verkiezingen in het najaar zou worden bevestigd, de druk op de Franstaligen toeneemt om concessies te doen. Men zal dan koste wat het kost juist met zijn partij verder moeten onderhandelen, te meer daar de Vlamingen met geld over de brug moeten komen. Tot nu toe hebben de Franstalige partijen nauwelijks concessies hoeven doen waarvan het Franstalige deel van het land echt minder van zou worden. De tactiek om De Wever zwart te maken door hem af te schilderen als een vreemdeling vijandige politicus met nazi-sympathieën heeft niet gewerkt. Zij blijkt overduidelijk op leugens te berusten. De Franstalige partijen zullen voor het eerst bij zichzelf te rade moeten gaan. |
| < Vorige | Volgende > |
|---|
| Henk Beereboom | ||||
|---|---|---|---|---|
|
||||