Menu
Home
Theo Monkhorst
Han Mulder
Hans Muiderman
Dick Toet
Paul van Velthoven
Marjolijn Uitzinger
Frans Wijnands
Han Kogels
Frans Kok
Frans Weisglas
Henk Beereboom
Gastschrijver
Plein
Vertel het verder!
Klik hier en stuur deze website naar uw vrienden:
e-mail to a friend
Plein

Omdopen


Altijd gedacht dat de Mauritskade vernoemd was naar prins Maurits, de stadhouder. Geen fraai heerschap (hij liet van Oldenbarnevelt executeren) maar wel een kundig militair.
Maar in de file had ik onlangs tijd het bord eens goed te lezen. Blijkt het om prins Maurits te gaan, de zoon van Willem III (de Gorilla) en prinses Sophie. Het knaapje stierf in 1850 op 6-jarige leeftijd, mede als gevolg van onenigheid tussen zijn ouders over de beste behandelwijze.
Een van de belangrijkste toegangswegen van Den Haag vernoemd naar een wicht van 6, van wie niemand ooit gehoord heeft. Iets teveel eer lijkt mij. Dus, als er binnenkort een belangrijke Nederlander, desnoods een Hagenees, sterft: omdopen die kade.

Frans Kok

Het ooglapje van de Piraten zit rechts Afdrukken E-mail
Marjolijn Uitzinger   
maandag 23 april 2012



Berlijn – Ze kwamen in september vorig jaar met 15 mensen in het parlement van de deelstaat Berlijn, waar ze in 2006 waren opgericht. Bijna negen procent van de stemmen kregen ze. De Piraten. Met pleidooien voor een transparante informatiesamenleving, kleurige hoofddoeken en domme teksten. Althans, dat vond ik, en daarmee lokte ik in mijn omgeving veel discussie uit. Het is helemaal niet erg dat die mensen geen idee hebben van de schuldenlast van de stad en nauwelijks weten wie de burgemeester is, hielden vrienden en collega’s mij voor; dat soort kennis komt allemaal wel. Ja, en een open internet houdt ook in dat kinderporno ongeremd mag worden verspreid. De staat mag zich niet bemoeien met het internet. Dat is juist een heel mooi streven.
Het is toch al zo moeilijk de Duitse politieke constellatie te veranderen, vanwege de kiesdrempel van 5 procent, zeiden mijn vrienden. Daarom is een nieuwe partij juist goed, ook al is het in zekere zin een protestpartij. En ook serieuze politici houden tot op de dag van vandaag vol dat de Piraten echt geen eendagsvliegen zijn en dat ze over tien jaar nog bestaan. Dat ze verfrissend zijn en andere partijen dwingen hun positie scherper te bepalen.
Ik ging bij mijzelf te rade. Ben ik een oude muts aan het worden? Mis ik de boot? Moet ik een open oog hebben voor dergelijke nieuwe politieke ontwikkelingen? Of zijn die anderen juist bang dat hen dit verwijt kan worden gemaakt, en juichen ze daarom de komst van de Piraten toe, tegen beter weten in?

Inmiddels liggen de verkiezingen driekwart jaar achter ons. Ik heb geen idee wat de Piraten doen in het Berlijnse parlement. Hoogst zelden lees ik iets over hun bijdragen aan het debat. Af en toe zie ik eens een Piraat in een talkshow afgeslacht worden door de ervaren politicus. Er komt geen zinnig woord uit; inhoudelijk zijn ze volgens mij nog niet veel verder gekomen sinds hun aantreden.
Maar wel wordt steeds duidelijker dat ze een serieus probleem hebben, namelijk hun aantrekkingskracht voor extreem-rechts, en de manier waarop ze daarmee moeten omgaan. Er zijn partijfunctionarissen die in het landelijk bestuur willen komen en tegelijkertijd op youtube stelling nemen tegen het ‚wereldjodendom‘, of pleiten voor legalisering van het ontkennen van de holocaust, nu een zwaar misdrijf in Duitsland. Anderen, zoals de Berlijnse Piratenchef Semken, spreken over ‚nazimethoden‘ van mensen die ertoe oproepen marsen van neo-nazi’s te blokkeren.
Ook uit eigen kring klinken protesten tegen deze extreemrechtse aanwezigheid in de partij. Landelijk secretaris-generaal Marina Weisband, zelf joods, schreef in haar blog dat deze mensen – als ze niet uit de partij gezet kunnen worden – in ieder geval politiek gemarginaliseerd moeten worden. ‚Onze ideeen verzinken in louter troep en in vuilnis,‘ klaagde zij, en haar opvatting kreeg bijval van honderden mensen.
Sinds dit weekend is de beer echt los, doordat de secretaris-generaal van de Piraten in het Berlijnse parlement, Martin Delius, zich onvoorstelbaar heeft vergaloppeerd tegenover Der Spiegel. ‚De opkomst van de Piratenpartij verloopt net zo stormachtig als die van de NSDAP tussen 1928 en 1933,‘ sprak de paardenstaart. De journalist van Der Spiegel moet een hartklopping hebben gekregen dat hij dit mocht noteren. Natuurlijk ontzetting allerwegen, in de partij zelf en in alle andere partijen. Delius heeft zijn kandidatuur voor het landsbestuur teruggetrokken en geeft als commentaar: ‚Het was een fout, omdat ik de reikwijdte van mijn woorden op dat moment niet heb herkend.‘ Een excuus dat bijna nog erger is dan de uitspraak zelf, omdat het getuigt van een onvoorstelbaar gebrek aan historisch besef.
Partijvoorzitter Sebastian Netz distantieert zich van het dwaallicht, maar wil niet zo ver gaan Delius op te roepen zijn zetel in het Berlijnse parlement ter beschikking te stellen. Dat zou alleen aan de orde zijn als Delius zijn partij politiek-inhoudelijk met de NSDAP vergeleek. Niettemin is het een stomme vergelijking, voegde hij eraan toe.
Extremisme-deskundigen vinden de uitspraak van Delius buiten iedere proportie, maar verklaren geruststellend dat er geen serieuze extreemrechtse tendenzen te bespeuren zijn in de jonge partij. Het is volgens hen een linksliberale groepering, waarvan de functionarissen kennelijk af en toe last hebben van grootheidswaan.
Hoe dan ook, komend weekend hebben de Piraten hun partijdag en dan hebben ze erg veel om over te praten.


Dit e-mailadres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit te kunnen bekijken





 
< Vorige   Volgende >