Menu
Home
Theo Monkhorst
Han Mulder
Dick Toet
Paul van Velthoven
Marjolijn Uitzinger
Hetty van Rooij
Frans Wijnands
Marc De Koninck
Han Kogels
Frans kok
Gastschrijver
Henk Beereboom
Plein
Vertel het verder!
Klik hier en stuur deze website naar uw vrienden:
e-mail to a friend
Plein
Voorbeeld

Koningin Elizabeth kleedt zich sober, gaat in eigen land met vakantie, het liefst per trein en heeft haar Rolls Royces voorzien van een schone LPG-installatie.
Zou Beatrix dat bedoelen met haar Kerstboodschap ‘een beter milieu begint bij jezelf’?
Ook aan de tv-toespraak van haar hoogbejaarde vakgenote kan Beatrix een voorbeeld nemen. Een zakelijk verhaal, to the point, afgewisseld met leuke beelden over de activiteiten van haarzelf en haar familie gedurende het afgelopen jaar.
Het verschil met het hoogdravende gemoraliseer waarop wij elk jaar worden getrakteerd, was ditmaal wel erg opvallend.

Frans Kok
58 miljoen Italianen, maar 'n volk? Afdrukken E-mail
Frans Wijnands   
maandag 26 februari 2007
Rome - Elke keer als het over Italie gaat vraag ik me af: bedoelen ze het geografische land, of de ruim 58 miljoen inwoners? En vervolgens de vraag of het over een volk gaat, of over ruim 58 miljoen individualisten die zich taalverbonden voelen met elkaar; de onverstaanbare dialecten buiten beschouwing gelaten. Een volk? Hooguit als het om het Italiaanse voetbalelftal gaat.
In een van de films van Pietro Germi waarschuwt een Zuid-Italiaanse moeder haar kind: 'In Milaan wonen slechte mensen, die eten rijst'. Daarentegen is voor veel noorderlingen het Slavenkoor uit Verdi's 'Nabucco' nog altijd het eigenlijke Italiaanse volkslied. Met dat soort verschillen valt te leven. Er zijn ook veel Limburgers die liever het 'Waar in 't bronsgroen eikenhout' dan het 'Wilhelmus' zingen. Het hoeft het natie-gevoel niet in de weg te staan. Elk land heeft zo z'n noorden en zuiden; z'n regionale keukens en folklore. Italie ook, maar los daarvan blijft het een typisch Italiaans fenomeen dat het eigen ik altijd gelijk en voorrang heeft. Bij protestacties van de vakbonden komen doorlopend honderdduizenden op de been. Ze demonstreren weliswaar samen maar hebben lak aan hun mede-demonstranten. Ieder voor zich....

Met, en in de politiek is het niet anders. Iedere Italiaan bedrijft z'n eigen politiek. Verbaal. In de bar, thuis, op straat, op het werk. En in het Parlement. De tijden dat in Italie een ongeschreven twee-partijenstelsel bestond - christen-democraten en communisten/socialisten - is al een jaar of twintig voorbij. Wat er voor in de plaats is gekomen is een eveneens ongeschreven twee-coalitie-stelsel: links en rechts, met alle twee een deel van het midden. Een mozaiek van partijen, partijtjes, groeperingen, splinters en eenlingen.
Dat maakt het politieke bedrijf niet alleen ondoorzichtig maar ook onbegrijpelijk. De versnippering van de eertijds grote partijen in allerlei vleugels maakt het moeilijk om hechte coalities te vormen. Iedereen beloert iedereen. Moties van vertrouwen kunnen afketsen op de nee-stemmers uit eigen kring en bovendien werkt het Parlement met een handvol onafhankelijken (eenmans-fracties) en zeven senatoren voor het leven. Dat zijn verdienstelijke oud-premiers en oud-presidenten, zoals Andreotti met zijn bij cartonisten geliefde vleermuisoren, en Cossiga. Die senatoren hebben geen strikte partijbinding, staan boven de partijen en brengen hun stem uit naargelang het regent of de zon schijnt. Onvoorspelbaar dus.
Dat heeft premier Romano Prodi de afgelopen dagen weer eens ervaren. Het buitenlandbeleid van zijn regering werd met twee stemmen verschil weggestemd. Oppositieleider Silvio Berlusconi vond dat Prodi meteen maar moest opkrassen, maar president Napolitano besliste anders. Hij gaf Prodi een gele kaart, maar bij gebrek aan acceptabele alternatieven - om over nieuwe verkiezingen maar niet te praten - gaf hij hem een nieuwe kans. Die krijgt hij over een paar dagen in het Parlement, als opnieuw de vertrouwenskwestie wordt gesteld. Prodi heeft een A-viertje met twaalf prioriteiten opgesteld en zijn gammele centrum-linkse coalitiepartners voor de keus gesteld: of iedereen voert dat lijstje mee uit, of Prodi stapt op.
Welvaart en welzijn staan centraal: maatregelen om de stotterende Italiaanse economie op gang te helpen maar dus ook minder aangename maatregelen inzake lonen en pensioenen. Veel aandacht voor onderwijs, onderzoek en het gezin. Maar door de naijver tussen al die politieke baasjes van partijen en partijtjes blijft het aanmodderen. En in een land, dat op de Po-vlakte na, nauwelijks vlak land kent is het poldermodel niet toepasbaar.
Soms hoor je Italianen de naam Mussolini noemen; vertwijfeld verwijzend naar een sterke leider. Natuurlijk wil niemand een (gematigde) dictator; alle 58 miljoen Italianen zijn immers hun eigen baas...., maar de politiek en het land zouden enorm gebaat zijn bij een drastische vermindering van het aantal politieke splinters en groeperingen. Dat zou het voor veel Italianen gemakkelijker maken hun stem te bepalen en gekozen regeringen aan een meer stabiele ondergrond te helpen.


Dit e-mailadres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit te kunnen bekijken
 
< Vorige   Volgende >