Menu
Home
Theo Monkhorst
Han Mulder
Hans Muiderman
Dick Toet
Paul van Velthoven
Marjolijn Uitzinger
Frans Wijnands
Han Kogels
Frans Kok
Frans Weisglas
Henk Beereboom
Gastschrijver
Plein
Vertel het verder!
Klik hier en stuur deze website naar uw vrienden:
e-mail to a friend
Plein
Kerstboom

De dodenherdenking op 4 mei is geen juist moment om in lachen uit te barsten. Toch gebeurt me dat (vermengd met grote ergernis) als ik Willem Alexander zie in zijn uniform. Een soort wandelende kerstboom. En 2 jaar geleden een rennende kerstboom, toen hij zijn vrouw aan haar lot overliet in de paniek rond de damschreeuwer.
Waarom dost die man zich zo raar uit? Hij is toch geen beroepsmilitair? Bij zijn opa zat het in zijn Pruisische genen. En, eerlijk is eerlijk, hem stond het ganz nett. Bij Prins Pils staat het voor geen meter.
En ik denk dat Claus zich elke keer omdraait in zijn graf, om het niet te zien.

Frans Kok
Bibberen bij de taxi en de dokter Afdrukken E-mail
Han Mulder   
maandag 03 oktober 2005
Oudere bewoners van Den Haag en andere mensen met historisch instinct noemen de twee grote stations daar vaak bij hun oude naam. Station Hollandse Spoor heeft zelfs nooit een andere naam gekregen. Maar ‘Staatsspoor’ is nomenclatuur voor de liefhebber. Op die plaats staat tegenwoordig min of meer het Centraal Station.
Die namen zijn echo’s uit het verleden toen Nederland overdekt was met spoormaatschappijtjes die elkaar naar het leven stonden. Het Hollandse Spoor bediende de Hollandsche IJzeren Spoorweg die het ‘oude lijntje’ tussen Amsterdam en Rotterdam verzorgde. Dat was een goudmijn die nooit aan uitputting ten offer leek te vallen. De Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen beheerde de verbinding met het oosten. Voor wie naar Arnhem of Duitsland wilde, kon op het Staatsspoor terecht dat dan ook veelbetekenend aan de Rijnstraat was gelegen. Aldus lag een heel vlechtwerk aan verbindingen en verbindinkjes over het koninkrijk. Er gebeurde nogal eens een ongeluk, want alle concurrentie kwam de veiligheid niet ten goede. Berucht was het streekvervoer. De ‘Gooise Moordenaar’, zoals de burgerij de stroomtractie tussen Hilversum en Amsterdam angstig betitelde zorgde elk jaar weer voor rouw in menig huisgezin wanneer de wissel of de rem het op het beslissende moment had laten afweten.
Van de lagere school herinner ik mij dat meester Van den Heuvel in de brugklas vertelde dat pas in 1937 als sluitstuk van de concentratietrend in het openbaar vervoer de Nederlandse Spoorwegen werd opgericht. Dat leek me als jongetje toen een heel verstandig besluit, want wat had al dat concurrerende gepriegel nou helemaal opgebracht? Ik was eigenlijk verbaasd dat het zo lang had geduurd voordat men in spoorwegland het licht had gezien.
Inmiddels zijn we langzamerhand zeventig jaar verder en wat toen zo logisch en vanzelfsprekend leek, is lang niet meer zo zeker. De NS is opgesplitst in hardware (de rails) en software (de passagiers). Op straffe van verlies van de concessie moet de NS voortdurend trachten het leven te beteren. Een leven waarvan men ondertussen niet zeker is. De ervaren treinreiziger weet er alles van. Hij draagt zijn ziel in lijdzaamheid en verliest nooit zijn laptop uit het oog, want er wordt gestolen als de raven in de trein. De klompen zijn uit de Nederlandse folklore verdwenen. Daarvoor zijn de snelle honkbalpetjes in de plaats gekomen. Menige vermoeide reiziger worstelend met zijn jetlag is dat op Amsterdamse halteplaatsen tot zijn ellende gewaar geworden.
Maar die Nederlander zelf ondergaat toch voornamelijk gelaten de dingen die hem overkomen. Marktwerking zij de leus, maar hij heeft geen keus. Voor de vertraging, de kapotte wissel of het onklare computerregelsysteem is er namelijk één alternatief: de verstopte snelweg met het verkeersinfarct in de binnensteden. Hier is het geen kwestie van keuze meer. Trein of auto, daartussen de weg vinden dat is meer een kwestie van filosofie.
Op andere gebieden heet het officieel dat wij wel degelijk keuzes hebben. Volgens de minister die altijd per dienstauto wordt verplaatst en de buitenwereld slechts vanaf de achterbank kent, hebben wij keuzes bij de taxistandplaats. We kunnen daar gaan onderhandelen en zo. Goede man, wat vraagt gij voor de rit naar notaris De Bruin aan de Koningslaan? Sapperloot, dat is een heel bedrag. Als dat niet bescheidener kan, dan moet ik mij toch echt tot uw buurman richten. Gij, beste vrind, wat rekent ú voor het traject naar notaris De Bruin aan de Koningslaan? Zo komen wij er, allemaal homo economicus passend op elke euro, samen wel uit. In het ergste geval kunnen wij aan die taxistandplaats hoogstens een kuist voor onze kop verwachten. En natuurlijk nooit de laptop onbeheerd op het trottoir zetten, want ook daar scharrelt er altijd wel zo’n honkbalpet tussen de mercedessen en de bmw’s. Keuze’s echter heeft de moderne mens, mits voorzien van een grote dosis humor, geduld en vervaarlijkheid.
Helaas, het is al vaak gezegd en laatst nog door het Centraal Planbureau: de meeste mensen zitten helemaal niet te wachten op het zelf keuzes maken op basis van een gezonde dosering verantwoordelijkheidsgevoel. We hangen liever voor de televisie dan vijf avonden uit trekken om de voordeligste energieboer uit de honkbalpet te toveren en zodoende wel 75 euro te besparen in het komende jaar. En let op, we zijn aan het einde van het jaar nog te lamlendig om als zijnde ziekenfonds of particulier een daad te stellen en een vers avontuur aan te gaan, waarbij onze nieuwe heup er het goedkoopst wordt ingezet in het hospitaal in Den Helder en ons nieuwe ruilhart in het streekziekenhuis van Veenendaal/De Klomp, allebei plaatsen trouwens waar je gewoon met de trein kan komen, hoewel het niet onverstandig is om vertraging in te calculeren.
Balkenende kan hoog springen en Hoogervorst bij wijze van spreken nog hoger, maar we willen het niet. Keuzen maken? We beginnen er niet aan. We willen gewoon dat de trein arriveert en vertrekt op de afgesproken tijd. Dat er helder stromend water uit de kraan komt. Dat het licht aangaat als we de stekker in het stopcontact steken en dat de eerste taxichauffeur de beste in de rij bij de standplaats de weg weet en met twee woorden spreekt, zo mogelijk in het Nederlands. In al die gevallen willen we een fatsoenlijke prijs betalen zonder sores aan ons hoofd.
Voor de rest willen we gewoon voor de televisie hangen, sorry, Jan-Peter. En of de energiemarkt nou ‘geliberaliseerd’ is of niet en of we nu wel of niet bij de dokter gaan afdingen, die Chinezen komen toch wel. Wat zeg ik? Ze zijn er al.
Dit e-mailadres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit te kunnen bekijken
 
< Vorige   Volgende >