Menu
Home
Theo Monkhorst
Han Mulder
Dick Toet
Paul van Velthoven
Marjolijn Uitzinger
Hetty van Rooij
Frans Wijnands
Marc De Koninck
Han Kogels
Frans kok
Gastschrijver
Henk Beereboom
Plein
Vertel het verder!
Klik hier en stuur deze website naar uw vrienden:
e-mail to a friend
Plein
Voorbeeld

Koningin Elizabeth kleedt zich sober, gaat in eigen land met vakantie, het liefst per trein en heeft haar Rolls Royces voorzien van een schone LPG-installatie.
Zou Beatrix dat bedoelen met haar Kerstboodschap ‘een beter milieu begint bij jezelf’?
Ook aan de tv-toespraak van haar hoogbejaarde vakgenote kan Beatrix een voorbeeld nemen. Een zakelijk verhaal, to the point, afgewisseld met leuke beelden over de activiteiten van haarzelf en haar familie gedurende het afgelopen jaar.
Het verschil met het hoogdravende gemoraliseer waarop wij elk jaar worden getrakteerd, was ditmaal wel erg opvallend.

Frans Kok
Kunst op het Franse platteland Afdrukken E-mail
Theo Monkhorst   
maandag 28 juli 2008
Terny-Sorny -- Een doodstille Franse landweg. Eindeloze gouden graanvelden met in de oksel van het landschap een donkergroen bos. Daarboven een strakblauwe hemel. Zoals het hoort. Plotseling rechts van de weg een open plek waarop een adembenemend bouwwerk. Hoge donkere stokken in lange rijen vormen een meetkundig patroon, een lineair bos, door mensen gemaakt. Als je er doorheen kijkt lijken de stokken onderling te verschuiven, gezichtsbedrog. Dit alles zo’n twintig meter in het vierkant. Links daarvan een even groot vierkant met waslijnen waaraan enorme witte lakens, haaks op de weg, langzaam zwaaien in de zomerbries. Lange bewegelijke paden. Wat is dit? En waarom?

Aan de andere kant van de weg, in de berm, denk ik: dit is mensenwerk. Iemand heeft het met opzet gemaakt, hier, op deze plek. Een bouwwerk langs een weg waar alleen zo nu en dan een eenzame boer op een tractor langs komt. En een paar kinderen uit de omliggende dorpen op knetterende brommers, maar die zien het niet, die hebben hun ogen op de toekomst gericht. Op het eerste gezicht een zinloos bouwwerk. Maar prachtig. Adembenemend.

Waarom vind ik dit mooi? Om het contrast van de witte lakens en de donkere stokken, van het houtmozaïek tegenover de gladde vlakte van de lakens? Om de tegenstelling tussen bewegelijkheid en statigheid tegen de achtergrond van de hoge blauwe hemel en een donker bos? Of is dat een rationele verklaring voor iets dat ik niet begrijp?

Is het niet vooral de verrassing van dit kunstmatige beeld hier in een landschap waar je zoiets nooit verwacht? Waar je eerder let op buizerds, valken en klaprozen. Niet op het werk van een dwaas die kennelijk niets beters had te doen dan stokken in de grond te stampen en de uitvergrote was van zijn moeder op te hangen.
Als dit in Sonsbeek was neergezet had het kunst geheten. Kostbare kunst die zou zijn afgebeeld in internationale kranten en tijdschriften en waarvan de maker tot de vips behoorde, volop op tv en in de society rubrieken. Werk waaraan schrijvers, kunstkenners en filosofen diepere betekenissen hadden ontleend.
Maar hier. Ver van dat alles, waar het woord kunst alleen betrekking heeft op oude schilderijen in kathedralen. Niet op stokken en wasgoed.

Hoe lang zou het hier al staan? Er is zo te zien niets beschadigd. De reuzen lakens zijn misschien een beetje grauw, maar toch schoon en oogverblindend in de zon. Misschien omdat het net klaar is of niemand geïnteresseerd of omdat er een instinctief respect bestaat voor iemand die zoiets vreemds maakt, zelfs bij de jongeren op knetterende brommers? Geen antwoord.
Zou het door een plaatselijke timmerman zijn gemaakt, die wel eens met zijn vriend de dorpsonderwijzer in Parijs komt en daar iets dergelijks in een kunstboek was tegen gekomen en die hadden gezegd: dat kunnen wij ook. En was het officieel onthuld door de burgemeester, een dikke dame met een sjerp, in aanwezigheid van de fanfare en daarna vergeten? Zodat alleen de timmerman en de onderwijzer de lakens maandelijks wassen en weer ophangen en het leven verder gewoon doorgaat, hier op het Franse platteland?

Misschien is het alleen voor mij gemaakt. Voor iemand die in die lakens en stokken iets herkent dat hem de adem beneemt. Zonder dat hij dat begrijpt. Die dan langs de kant van de weg gaat zitten en zich van alles afvraagt waar hij geen antwoord op krijgt. En die er geen foto van maakt omdat het in zijn hoofd beter bewaard blijft, er dan over schrijft en zich afvraagt of het werkelijk is gebeurd of dat hij het heeft gedroomd en het nu werkelijkheid is geworden omdat het is opgeschreven.
Waarna hij denkt dat toen die wielrenner in zijn veelkleurige tricot plotseling door het beeld fietste, razendsnel, zodat alleen de felle roden en blauwen op de witte lakens bleven hangen, een mooi moment was geweest om die foto wel te maken. Maar dat die wielrenner misschien nooit langs kwam.


 
< Vorige   Volgende >