|
Groeiend nationalisme bedreigt onze toekomst |
|
|
|
Theo Monkhorst
|
|
maandag 23 februari 2009 |
Zowel de Amerikaanse president als de Europese politieke leiders hebben zich uitgesproken tegen protectionisme – en tegelijkertijd worden overal protectionistische maatregelen genomen. Zelfs in Nederland klaagt de detailhandel over een groot aantal Europese heffingen op geïmporteerde goederen. Kennelijk kunnen zowel Balkenende als Bos, die zich opstellen als de voorvechters van vrije wereldhandel, daar niets tegen doen. Het is allemaal het gevolg van de wet die luidt: het hemd is nader dan de rok. Nationalisme dus. Zie dertiger jaren. Levensgevaarlijk.
President Obama was geschrokken van de kritiek op de Buy America – clausule in zijn eigen economische reddingsplan en verzekerde zijn Canadese gastheer dat hij niet zou zwichten voor de verleiding de eigen economie te beschermen door belemmering van importgoederen. Ondertussen staan er steun operaties ter waarde van miljarden dollars in de steigers om de Amerikaanse auto industrie te redden – wat toch behoorlijk concurrentievervalsend werkt. De vraag is daarom wat er precies terecht komt van die mooie uitspraken.
Ook president Sarkozy heeft de verklaring van de Europese top van afgelopen weekend, georganiseerd door bondskanselier Merkel, onderschreven: protectionistische maatregelen om de eigen economie te steunen worden bestreden. Wie het gelooft mag het zeggen. Hij heeft er immers nooit een geheim van gemaakt de economische crisis aan te zullen grijpen om te trachten zijn visie op de staatsgeleide markteconomie geheel conform de Franse colbertijnse traditie breed aanvaard te krijgen. Eindelijk een kans om het gehate Angelsaksische economische model aan te pakken. In dat kader past het subsidiëren of (half) nationaliseren van de eigen industrie.
In Berlijn is afgesproken dat dit soort kwesties zullen worden gedelegeerd aan de Europese commissaris voor Mededing, Neelie Kroes. Dezelfde Kroes die door Sarkozy een dwaas is genoemd. Dat belooft weinig goeds voor de Europese stabiliteit.
Het initiatief van bondskanselier Merkel om de Europese neuzen één kant op te krijgen is overigens meer dan welkom, omdat alleen door internationale overeenstemming de wereldwijde economische crisis eventueel kan worden opgelost. Hier doet zich een hardnekkig conflict voor: terwijl de oplossing gevonden moet worden in wereldwijd gecoördineerd beleid, hebben veel politici de neiging in de praktijk het adagium van de hemd en de rok te hanteren, nationalisme dus. Beleid dat de kiezer op de korte termijn gerust stelt, maar dat uiteindelijk leidt tot nog grotere problemen omdat het de internationale economische groei afremt.
Nu is het niet zo dat dit soort nationalisme uitsluitend voort komt uit de financiële en economische crisis. Het dreigt al langer, in vele landen van Europa en ook in Nederland. De crisis heeft het proces echter versterkt. Een voorbeeld is de opkomst van de politieke beweging van Wilders, de PVV. Zoals Paul Schnabel, de directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau kraakhelder analyseert in een interview in de Volkskrant van 23 februari, ‘de PVV verwoordt wat velen denken’. En dat is angst voor de vreemdeling, angst voor het verlies van het vertrouwde en eigene en dus afkeer van het internationale. Dit blijkt ook uit het eurosceptische geluid dat Wilders propageert in het kader van de Europese verkiezingen. Het is een nationalistisch geluid dat velen aanspreekt maar dat uiteindelijk leidt tot isolatie – levensgevaarlijk voor een klein land als Nederland dat voor een groot deel afhankelijk is van het buitenland om te kunnen voortbestaan in de welvaart waar we aan gewend zijn.
Ik noemde te tegenstelling tussen verbaal internationaal beleid en de praktische nationalistische uitvoering hardnekkig. De oorzaak daarvan is dat de kiezer over de schouder mee kijkt. En de kiezer is het volk dat leidt onder de crisis. Het is dezelfde kiezer die last heeft van een nieuwe Nederlander die in zijn eigen portiek andere gebruiken introduceert – on-Nederlandse gebruiken. Of slachtoffer is van de massaontslagen. Of ziet dat zijn pensioenzekerheid wordt aangetast. Die kiezer die tegen zijn politieke leiders zegt: steun mij, kijk niet verder dan mijn voordeur, want ik heb je in het zadel geholpen en zal dat niet weer doen als je niet naar mij luistert. Terwijl het op enige termijn juist beter zou zijn als dat niet zou gebeuren. Juist moet worden voorkomen dat te veel schulden worden gemaakt door tijdelijk soelaas te bieden. Waarmee de lasten naar de toekomst worden verschoven waar de volgende generaties ze mogen verteren.
Waar het om gaat is de vraag of we bereid zijn op korte termijn pijn te leiden of de pijn nu willen ontlopen met als argument: dan zien we wel weer. Ik vrees dat het nationalisme à la Wilders zal groeien, hier en in andere landen, omdat mensen niet bereid zijn hun deel van de pijn nu te dragen en verwijzen naar zullie. En zullie leven altijd in een andere straat of een andere tijd.
|