Menu
Home
Theo Monkhorst
Han Mulder
Hans Muiderman
Dick Toet
Paul van Velthoven
Marjolijn Uitzinger
Frans Wijnands
Han Kogels
Frans Kok
Frans Weisglas
Henk Beereboom
Gastschrijver
Plein
Vertel het verder!
Klik hier en stuur deze website naar uw vrienden:
e-mail to a friend
Plein

Omdopen


Altijd gedacht dat de Mauritskade vernoemd was naar prins Maurits, de stadhouder. Geen fraai heerschap (hij liet van Oldenbarnevelt executeren) maar wel een kundig militair.
Maar in de file had ik onlangs tijd het bord eens goed te lezen. Blijkt het om prins Maurits te gaan, de zoon van Willem III (de Gorilla) en prinses Sophie. Het knaapje stierf in 1850 op 6-jarige leeftijd, mede als gevolg van onenigheid tussen zijn ouders over de beste behandelwijze.
Een van de belangrijkste toegangswegen van Den Haag vernoemd naar een wicht van 6, van wie niemand ooit gehoord heeft. Iets teveel eer lijkt mij. Dus, als er binnenkort een belangrijke Nederlander, desnoods een Hagenees, sterft: omdopen die kade.

Frans Kok

Publieke omroep verkwanselt het Nederlands Afdrukken E-mail
Paul van Velthoven   
donderdag 19 maart 2009
Het is al irritant genoeg dat we in de radioreclame op de publieke zenders steeds vaker met Engelse teksten om de oren worden geslagen. Hoe deftiger ze worden uitgesproken, hoe onverstaanbaarder ze vaak zijn. Ik vrees dat wie zijn boodschap niet in duidelijk Nederlands durft over te brengen meestal wat te verbergen heeft. Je stelt het allemaal wat gladder voor en zo worden mensen geïmponeerd. De opsmuk met Engelse woorden lijkt de broodnodige compensatie te zijn voor gebrek aan kwaliteit en inhoud. Ooit leverde Hilversum de maatstaf voor goed en verzorgd taalgebruik. Dat is al lang niet meer zo.

Je hebt hakkelende presentatoren die hun zinnen niet goed kunnen afmaken of gewoon niet duidelijk articuleren. De grootste ergernis levert de publieke omroep in mijn ogen als ze zich voor programma’s en onderdelen daarvan steeds vaker van Engelse titels bedient. Het weeroverzicht moet tegenwoordig ‘Weather news’ heten en het belangrijkste nieuws wordt aangekondigd met ‘Ranking the news’. Dit imponeerproza neemt hand over hand toe. Ik vrees dat de marktwetten waaraan publiek goed – en dus ook de publieke radio – is uitgeleverd debet zijn aan deze verengelsing. De programmamakers worden een soort reclamemakers die koste wat kost een boodschap aan de man of vrouw moeten slijten. Dan zijn alle gelikte foefjes daar goed voor. Meer dan de helft van de televisieprogramma’s op de Nederlandse televisie heeft een Engelse benaming, zo heeft de bekende tv-recensent René de Cocq onlangs becijferd. Ik ben niet tegen het Engels, maar het stoort me geweldig wanneer het Nederlands op de plaatsen waarop dit voor de hand ligt voor het Engels wordt ingeruild.


Nu zijn er op dit bezwaar tweeërlei reacties mogelijk. Je kunt zeggen dat dit Engels in reclame en presentatie slechts opsmuk is. Wanneer het verhaal ook maar iets ingewikkelder wordt, schakelen de boodschappers onverwijld over op het Nederlands. Ik antwoord daarop: dit is slechts het begin. Het procédé verloopt van kwaad naar erger. Het komt wel degelijk voor dat de hele boodschap in het Engels wordt gebracht. Bovendien vaak slecht Engels. Net zo slecht als hun Nederlands wanneer ze die nog eens willen gebruiken.
Nu zijn er natuurlijk genoeg lieden die zeggen dat dit allemaal niet erg is. Het is toch mooi als we allemaal dezelfde ( Engelse) taal spreken. Maar in zo’n aangeleerde taal zullen, zo wijst onderzoek uit, veruit de meesten van ons zich altijd veel minder duidelijk en veel minder fraai kunnen uitdrukken dan in hun moers taal. Ik durf verder de stelling aan dat onze identiteit en ons karakter het best tot zijn recht komen als we ons in onze eigen taal kunnen uitdrukken. De pleitbezorgers van weg met onze taal zijn niet voor niets vaak ook de meest onzorgvuldige schrijvers en sprekers.

Een van de duidelijkste gevolgen van het toenemende gebruik van het Engels in de publieke ruimte zie je nu. Onze taal dreigt tot een reservaat te vervallen. Dit zie je paradoxaal genoeg ook aan de houding van onze schrijvers. Er worden nog steeds heel fraaie boeken in het Nederlands geschreven, maar van die schrijvers en andere penvoerders hoor je geen onvertogen woord wanneer er door landgenoten steeds vaker in het Engels wordt gekoeterwaald. Zo bevestigen zij dat ze genoegen nemen met het reservaat.

Van de Nederlandse Taalunie of van het Genootschap Onze Taal is evenmin hulp te verwachten. Het slag neerlandici dat daar de toon aangeeft is al sinds de jaren zestig in de ban van het virus van de waardevrijheid inzake taal. Een groot woordenboekmaker als Kruyskamp, die lange tijd de grote Van Dale redigeerde en niet schroomde te zeggen wat hij aan een woord lelijk vond, zal men nu vergeefs zoeken onder de huidige generatie van neerlandici. Alles mag van hen, want, zeggen ze, het wordt toch gebruikt! En daarmee is voor hen de kous af en sluipt de verloedering in het taalgebruik verder binnen. Het motto bij hen is: niet langer voorschrijven, maar (passief) beschrijven.

Gelukkig hebben we de Vlamingen nog. Het viel mij laatst op dat toen ik Antwerpen was de publieke aanduidingen, maar ook de reclame-uitingen in goed en helder Nederlands waren gesteld. Kom daar in Nederland eens om. Slechts één dissonant trof mij, en, niet verwonderlijk, van Nederlandse zijde. Een reclame van ABN-Amro. Die was in het Engels. Een kwestie van het imago opvijzelen, want we weten sindsdien wat daar werkelijk achter de façade schuil ging.
De Vlamingen komen op voor het Nederlands, ook naar buiten toe in Europees verband. Minister Plasterk slikte onlangs onder druk van hun aanwezigheid zijn opmerkingen over het (onterechte) gebruik van het Nederlands in Europese fora in. Maar zij hebben dan ook aan den lijve ervaren wat het betekent als je moerstaal wordt vertrapt.

www.paulvanvelthoven.nl

 
< Vorige   Volgende >