Menu
Home
Theo Monkhorst
Han Mulder
Dick Toet
Paul van Velthoven
Marjolijn Uitzinger
Hetty van Rooij
Frans Wijnands
Marc De Koninck
Han Kogels
Frans kok
Gastschrijver
Henk Beereboom
Plein
Vertel het verder!
Klik hier en stuur deze website naar uw vrienden:
e-mail to a friend
Plein
Jeanne d'Arc

De troepen waren besluiteloos en morden. Het ontbrak aan leiderschap. Toen besloot Jeltje de strijd aan te gaan. De vreemde troepen die Den Haag dreigden in te nemen, moesten worden verslagen.
Ze kwam, zag en overwon.
Onze eigen Jeanne d’Arc.
Dauphin Wouter, die aanvankelijk weinig heil zag in haar missie, prees haar de hemel in. Onder luid gejuich van het volk trok hij de succesvolle strijdster op het podium. Vanaf nu zou alles beter gaan.
Eindelijk daadkracht. Op naar de beslissende slag op 9 juni.
Maar dan moet Wouter het helemaal alleen opknappen.
Zonder de maagd van Den Haag.

Frans Kok

Frustratie van een Haagse HBS-er Afdrukken E-mail
Han Mulder   
vrijdag 22 januari 2010

Weliswaar wordt de aloude HBS, voluit Hogere Burger School, tegenwoordig gevierd als de mooiste vorm van voortgezet onderwijs die er ooit in Nederland heeft bestaan, maar dat zal wel te maken hebben met de toestand van wanhoop waarin veel leraren verkeren. En veel ouders van schoolgaande kinderen bovendien.
Ik was in de jaren vijftig zelf zo’n HBS-er, op de openbare 7de Haagse Hogere Burgerschool aan de Raamstraat, een nijver baasje in de weer met wel drie moderne vreemde talen en een programma exacte vakken, van natuurkunde tot beschrijvende meetkunde en het nodige daartussen in, dat met de kwalificatie ‘pittig’ niet helemaal wordt rechtgedaan. Van de Mammoetwet die de HBS om zeep zou helpen, had nog niemand gehoord. Het HBS-diploma, zeker de B-variant, was een stuk papier dat zwaar bevochten moest worden. Maar toch was het vervolgtraject in het hoger onderwijs voor de HBS-er tamelijk gelimiteerd. De exacte studierichting stond open voor de vasthoudende nerds (die toen nog niet zo werden genoemd), maar de talen, de rechten, het doen en laten in hoger sfeer kortom, dat allemaal was voorbehouden aan de gymnasiast die met vrucht zijn omgang met de klassieke talen had voltooid. Daar deed die dan zes jaar over, eventuele doubleren niet meegerekend. Dat was een jaar meer dan de HBS-er was vergund. Maar ja, gymnasiasten golden als denkers voor nu en straks. Dat kost tijd. De HBS was voor de doeners. Niet lullen maar poetsen. Zo onbeschaafd mocht je het in die tijd natuurlijk nog niet zeggen, maar het kwam er wel op neer.

Ik heb altijd tegen dat gymnasium als een Olympus opgekeken vanwege dat Latijn en dat Grieks. De studie van die talen leek mij de toegang tot een wereld die ver van mijn toenmalige zijkamertje annex opklapbed gelegen was. Ik had er geen deel aan en ik was jaloers. Toen ik Nederlands wilde gaan studeren was ik door mijn gebrek aan omgang met de klassieken aangewezen op wat toen heette een ´middelbare akte´, eerst A en dan B. Ik ben na A gestrand. Toen ik vervolgens mijn zinnen zette op een rechtenstudie, moest ik eerst een examen Latijn doen. Met middelbare mannen en een enkele jonge vader bogen we ons op avonden bijles over lesstof, bedoeld voor een prepuber met kinderlijke verhaaltjes over Romeins leven en cultuur. Later kwamen daar ondoorgrondelijke teksten van Romeinse rechtsgeleerden en zelfs van Hugo de Groot bij die volgens kenners het Latijn met een pook schreef. Op het examen haalde ik een mager zesje. Het volgende studiejaar bleek verplicht Latijn voor rechten te zijn afgeschaft. In mijn geval dus een betwistbare tijdsinvestering want met Vergilius of Seneca had het weinig te maken gehad, ofschoon ik in het vervolg op vakantie bij het lezen van klassieke inscripties op Italiaanse fonteinen wel hoger scoorde.

Het is vervolgens met Latijn en het elegante zusje Grieks alleen maar bergafwaarts gegaan, zo begrijp ik. Het gymnasium daarentegen werd steeds populairder bij ouders met een voorkeur voor een ´witte´ school op zoek naar een dekmantel. Een dekmantel waarvoor precies was wel duidelijk, maar over de kwaliteit van de stof viel met ze te praten. Er is nu dus veel te doen over een commissie die verkent hoe dat Latijn en Grieks met goed fatsoen op een nog lager pitje kunnen. Stop ze in de buidel ´Romeinse en Griekse cultuur´ en er kan net zoveel in als in een damestas. Het klinkt als een cursus Teleac met veel plaatjes en geen naamvallen in het onderschrift. Of ik het heel erg vind, weet ik eigenlijk niet eens. In een tijd van multiple choice en managers aan de knoppen in plaats van leraren aan het bord kan een mens alles verwachten.
Wat ikzelf sowieso zal blijven koesteren is die nooit geheel verdwenen jaloezie van de jongeman van weleer in zijn plusfour die toen nog drollenvanger heette. Die huizenhoog opkeek naar de selecte groep uitverkorenen die de geheime deur der klassieke wijsheid passeerden die voor anderen - ook voor nijvere HBS-ers die nooit doubleerden - gesloten bleef.


( Dit e-mailadres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit te kunnen bekijken )
 
< Vorige   Volgende >