Op het duin
Hans Muiderman   
maandag 02 april 2012


Het licht valt uit het trapgat naar beneden. Als kind ben ik hier vaak geweest. Nu ik boven ben, sta ik in een zee van licht. Daar is de ronde watertoren met rechts daarvan de ruimte die doorkruist wordt door een stoomtrein. De Waalsdorpervlakte is ongerept, zonder de geschiedenis die nog zal volgen. Het landschap als onvoltooid verleden tijd. Ik draai me om mijn as. Steeds schuift een ander deel van het totaalbeeld mijn blikveld in. Ik kan me niet goed oriënteren, er is geen schilderijlijst die mijn beeld inkadert. Hou mij vast, met een licht gevoel van duizeling, aan het enige ijkpunt dat ik ken van een wandeling aan zee. De horizon. Buiten schuift een wolk voor de zon, op het schilderij trekt een schaduw over het strand. Het beeld beweegt.
Het lijkt wel of ik vanuit het trapgat zo het duin ben opgestapt en, door de plotselinge overgang van donker naar licht, de weg kwijt ben tussen werkelijkheid en illusie. De tijd van Mesdag was zwanger van een nieuwe kunstvorm: bewegend beeld, de film.
Ik ben lang niet op Scheveningen geweest terwijl ik daar geboren en getogen ben en besluit de plek te zoeken waar ik me nu bevind. Het Seinpostduin.

Op de hoek van het Seinpostduin en de Gevers Deynootweg lees ik ABTechniek Garagedeuren op de zijkant van een helwitte 4WheelDrive. Hoog op de wielen staat die, alsof een auto arrogant kan zijn. Zo net stond daar een paard met koets. Ik loop de straat naar boven. De boulevard is in revisie. Veiligheid en schoonheid is daarvoor het credo, zo lees ik op een bord. De kust moet veilig en bij het flaneer-vertier-verkeer krijgen voetgangers en fietsers ruim baan. Alleen op het gebied van schoonheid voel ik me een verdwaalde die zijn roots nu definitief verloren heeft. In Scheveningen gebeurt mij dat steeds opnieuw.
Bij de strandtent Nalu Beach brandt het vuur in potten. Dat vuur in potten zie ik meer, dat schijnt te moeten. Tussen de borden looproute Strand en looproute Sealife zoek ik mijn weg, paviljoen Summertime heeft al gasten gelokt met borden over appeltaart met slagroom. Mensen zitten met hun jassen aan.
De kiosk De Bijbel Het Woord van God staat hier al zo lang ik leef, maar als ik rond kijk is dat de enige plek waar God niet dood is. Schoonheid is er alleen bij Beelden aan Zee en dan vooral binnenshuis. Ik kan er niets aan doen maar ik heb het niet zo op die beelden a la Haringeter van Otterness die nu de boulevard weer sieren. Maar binnenshuis kom ik daar graag. O ja, bijna vergeten, links van Sealife is er nog het monument van Toon Dupuis dat er verloren bijstaat als herinnering aan de Grote Oorlog. Het lijkt de vernieuwing in de weg te staan.
Ik loop terug. Bestudeer de menukaart bij de ingang van het restaurant Seinpostduin. Twee nette dames, meer Aerdenhouts dan Haegsch, vraag ik wat ze van de verbeteringen op de boulevard vinden. “We vinden het hier wel leuk….en nu gaan we even wat eten bij de Proeverij.” Wel leuk.
Ik lees dat ‘ in verband met de voorbereiding van de gerechten wij u adviseren om de volgorde van serveren aan de keukenbrigade over te laten.’
Ik moet niet zeuren dus. Op de plek waar nu de keukenbrigade het bevel voert, stonden ooit Mesdag en Breitner.
Beneden schittert de witte lak van de Garagedeurenauto in mijn ogen, daarachter ligt de tramrails. Op tien minuten fietsen hiervandaan rijdt op het panorama in de Zeestraat de paardentram. In mijn gedachten ben ik daar. Ik hoor de wielen kraken in de rails.