|
Gastschrijver
|
|
woensdag 30 april 2008 |
|
Han Kogels
Lekker even eruit. Met z’n tweeën veertien dagen naar de Cote d’Azur, begin juli. Even op de website van Michelin kijken wat een ritje in de (eigen) auto naar Nice kost. Heen en terug voor €466, te weten €350 brandstofkosten plus €116 tol voor de autoroute. Maar exclusief de overige autokosten en de culinaire tussenstops onderweg. En je bent twee hele dagen aan het jakkeren. Is de trein een redelijk alternatief?
Nou nee, want twee retourtjes 2e klas met de TGV kosten €608,40. Dan toch maar even kijken wat vliegen kost. Transavia beweert dat je voor €60 per persoon een retourtje Nice hebt. Tik op de website 1 juli in als vertrekdatum en terug op 15 juli en daar verschijnt eerst de kale prijs van twee retourtickets: €120. Maar het eindbedrag is bijna drie keer zo hoog: €352,48. Het verschil bestaat uit €4 administratiekosten per boeking en €228,48 aan belastingen en toeslagen. Die zijn keurig gespecificeerd. Voor de heenreis wordt €58 brandstoftoeslag, €24,18 passagiersservicetoeslag, €22,50 vliegbelasting, €21,68 luchthavenveiligheidstoeslag en €4 geluidsisolatietoeslag in rekening gebracht. Voor de terugvlucht uit Nice staat €58 brandstoftoeslag, €24,12 luchthavenbelasting en veiligheidstoeslag, €14 passagiersservicetoeslag en een bedrag van €2 solidariteitsbelasting (het Franse equivalent van de Nederlandse vliegbelasting) op de rekening. Bij KLM kosten de twee goedkoopste retourtickets €441 all-in. Voor twee personen blijft het vliegtuig dus voordeliger dan de trein of de auto. Totdat ooit de fiscale vergroening verder toeslaat, de vliegtuigbrandstof met accijns wordt belast en 20% BTW over de hele handel wordt berekend. Dan gaan we gewoon gezellig met de auto in de dampende file naar de Méditerranée.
|