Den Uyl vs. Opstelten, twee volstrekte tegenpolen     

 

 

Een groter contrast is nauwelijks denkbaar. De gedrevene versus de onverstoorbare.

De bevlogen, fanatieke wereldverbeteraar versus de laconieke, kalme bestuurder. De intellectueel versus de wat oppervlakkige conservatief. Weinig verbindt hen. Hoogstens dat hun politieke carrière in mineur eindigde.

 

Ik heb het over Joop den Uyl en Ivo Opstelten. Van beiden zijn onlangs interessante biografieën verschenen. Die geven niet alleen een mooi. helder beeld van beide publieke figuren, maar ook van hun tijd. Eigenlijk zijn ze niet goed te vergelijken, al was het maar omdat den Uyl precies 25 jaar eerder werd geboren dan Opstelten. Ook hun achtergrond verschilde hemelsbreed. Den Uyl zoon van een gereformeerde kleine middenstander, Opstelten van een hervormde, welgestelde bankier.

 

Ik ga die vergelijking dan ook niet maken. Ik ken beiden van een afstand en beperk me tot enkele observaties en typeringen.

 

Joop den Uyl was een rusteloze, erudiete intellectueel. Tegelijk een politicus pur sang, voor wie het doel de middelen heiligde. Maar op beslissende momenten een twijfelaar, die iedereen te vriend wilde houden. En op sommige punten een rare utopist en drammer. Terwijl overal in de wereld het falen van de geleide economie zichtbaar werd, ging Den Uyl voluit op orgel om de staat juist meer invloed te geven. Het markmechanisme moest verdwijnen. Sterker nog: zelfs de vraag naar producten en diensten kon niet langer aan de mensen zelf worden overgelaten. ‘De toetsing van behoeften kan en mag niet anders zijn dan een gemeenschapsbeslissing’. En dat niet in 1917, maar in 1971.

 

Zijn finest hour was zijn premierschap. Ik vond hem toen indrukwekkend. Vooral tijdens de oliecrisis en in de Lockheed affaire steeg hij boven zichzelf uit. Zijn wekelijkse persconferenties in Nieuwspoort waren boeiend, zonder meer. En ik vond hem ook geestig en ad rem. In elk geval veel geestiger dan Van Agt, de zelf verklaarde non- politicus met zijn melige, archaïsche woordgrappen.

 

Ivo Opstelten was een studiegenoot in Leiden. Commissaris van het (meestal kapotte) meubilair van sociëteit Minerva, tevens voorzitter van de biljartcommissie. Niet zo’n rauwdauwer als veel anderen, gewoon iemand met een vrolijke uitstraling en natuurlijk gezag. Op college heb ik hem weinig gezien, maar dat is ook lastig als je om 5 uur ’s ochtends de laatste klanten de deur moet uitwerken.

 

Zijn hoogtepunt was de stille tocht in Rotterdam na de moord op Pim Fortuyn. Waardig aan de kop van de stoet, zijn vrouw Mariëtte en enkele LPF’ers naast hem. Dat heeft veel onheil voorkomen.

Hij had het daarbij moeten laten. En zeker niet naar het arrogante, maar incompetente ministerie van Justitie moeten gaan. Daarvoor mist hij ook het intellectuele overwicht. Hij dacht dat de Kamer en het departement zich wel zou voegen in zijn Heer Bommel aanpak.

In een gemeenteraad kan dat effect hebben, in de landelijke politiek niet.

 

Zowel den Uyl als Opstelten waren workaholics. Ze konden dat niet op tijd loslaten en vonden daarin uiteindelijk hun Waterloo. Met één verschil: Opstelten geeft zijn fouten in het boek ruiterlijk toe. Hij geeft niemand de schuld, alleen zichzelf. Dat is ook weer een klasse apart.

Deel dit berichtShare on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInShare on Google+Email this to someone
Frans Kok

Frans Kok

Frans Kok (1944) is consultant public affairs. Daarvoor was hij o.m. politiek redacteur en columnist van NRC Handelsblad en directeur communicatie van het ministerie VROM
Frans Kok

Over Frans Kok

Frans Kok (1944) is consultant public affairs. Daarvoor was hij o.m. politiek redacteur en columnist van NRC Handelsblad en directeur communicatie van het ministerie VROM

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>