Ontspoord

door Han Kogels

Eén ding weten we zeker: Eric Wiebes, de nieuwe staatssecretaris van Financiën, wacht regelmatig op de tram. Dat schreef hij in zijn brief aan de Tweede Kamer over de in zwaar weer verkerende Belastingdienst. Vreemden blijken hem bij de tramhalte te hebben aangespoord om iets te doen aan het functioneren van die dienst. Dat heeft geholpen. Want ruim vier maanden nadat hij het stokje van zijn voorganger Frans Weekers had overgenomen lag zijn brief met een brede agenda voor de Belastingdienst bij onze volksvertegenwoordigers in hun postvakjes.

Zoals een leider met visie betaamt, bestaat zijn plan uit sporen. Vier sporen zelfs, die aangeven waar het fiscale treintje is ontspoord en hoe het vehikel weer op de rails moet worden gebracht:  (1) vereenvoudiging van het belastingstelsel, (2) verbetering van de gecomputeriseerde werkprocessen van de Belastingdienst, (3) meer realistische meting van de prestaties van de Belastingdienst en (4) organisatorisch ruimte geven aan verbetering van de prestaties van de Belastingdienst.

Alles bij elkaar een ambitieus en tijdrovend wensen- en takenlijstje. Wiebes’ meest concrete agendapunt betreft een snelle verbetering van de werkprocessen van de Belastingdienst. Wat ik in zijn dikke epistel mis, is de rol van de onbezoldigde tollenaars. Ruim negentig procent van de bijna 237 miljard euro aan belasting- en premieopbrengsten wordt door ondernemers en werkgevers ingehouden of geïncasseerd van de burger en doorbetaald aan de fiscus, voornamelijk in de vorm van btw, loon- en premieheffing en accijnzen. Ook bij de inkomstenbelasting – die de schatkist overigens een minpost oplevert van anderhalf miljard – maakt de Belastingdienst steeds meer gebruik van op voorhand door bedrijven verstrekte gegevens, zoals lonen en salarissen, hypotheekgegevens van de eigen woning en vermogens in ‘box 3’. Als Wiebes de werkprocessen bij de belastingheffing wil verbeteren, kan het dus geen kwaad dit te doen in goed overleg met de hulptroepen in het bedrijfsleven die hun door de wet opgelegde ‘herendiensten’ moeten vervullen. Zeker als hij de zaak weer in redelijk snel tempo op de rails wil krijgen.

Het eerste spoor van Wiebes, vereenvoudiging van het belastingstelsel, is lastiger. De misère met de toeslagen was voorspelbaar: sinds de afschaffing van de WIR in 1988 (maar ja, dat is al weer zo lang geleden) weten we immers dat de Belastingdienst niet is ingericht voor het uitdelen van ingewikkelde toeslagen. Sturen met belastingen is ook moeilijker dan het lijkt: de rijstebrij van regels die schone auto’s fiscaal voordeliger moeten maken oogt lekker groen, maar kost miljarden en blijkt niet effectief te zijn voor het milieu. Onze fiscale regelgeving is een ondoordringbaar woud van bestaande regeltjes, soms na-ijlende afgeschafte regeltjes en nog meer nieuwe regeltjes die veelal zijn ingegeven door de politieke waan van de dag. Wiebes legt de breed gedragen roep om vereenvoudiging dan ook op het bordje van Kamer en kabinet. De toets op uitvoerbaarheid van nieuwe regels, zo laat hij ons weten, moet in het vervolg plaatsvinden in samenhang met bestaande en andere nieuwe regels. Klinkt leuk, maar het is niet nieuw. Waarschuwingen door de Raad van State dat voorgestelde regeltjes niet goed uitvoerbaar zijn of niet sporen met andere regeltjes worden meestal door de politiek in de wind geslagen. En als de Eerste Kamer, aan het eind van het wetgevingsproces, soortgelijke kritische opmerkingen maakt, is de trein het politieke station al gepasseerd en is het wachten op de ontsporing. Als Wiebes inderdaad vindt dat de gewenste vereenvoudiging van ons belastingstelsel, zoals hij schrijft, ‘vrij van politieke druk’ moet gebeuren, dan doet hij er verstandig aan zelf wat tegendruk te leveren. Door onze volksvertegenwoordigers ervan te overtuigen om adviezen van deskundige studiecommissies en de Raad van State ter harte te nemen.

 

Over Han Kogels

Han Kogels (1946) is prof. em. van de Erasmus Universiteit Rotterdam en secretaris-generaal van de International Fiscal Association. Daarvoor was hij fiscalist in het internationale bedrijfsleven en hoogleraar Europees Belastingrecht